Blue Flower

De Jongerenbijbel: over uitleg, profetieën en de eindtijd

 

 

 

Inleiding

 

In een andere studie hebben we reeds gezien hoe in de Jongerenbijbel delen van Gods Woord gewoon fictie genoemd worden. Het boek Ruth wordt een novelle, een korte roman genoemd! Zo zagen we dat men het over overschrijffouten heeft, die niet te funderen zijn. Men zegt dat bepaalde delen van Gods Woord cultuur-gebonden zijn. Men heeft de Jongerenbijbel een zogenaamde “degelijke” achtergrond willen geven, en is daarom te rade gegaan bij de wetenschappers van het NBG. Datzelfde NBG heeft een studiebijbel uitgegeven, waarin de geboorte van de Heere Jezus een legende genoemd wordt! Kortom: men is bezig om de waarheid van Gods Woord behoorlijk te ondermijnen.

 

 

Losse teksten aan elkaar rijgen...

 

Men geeft aan dat de Jongerenbijbel theologisch goed onderlegd is, en dat daarbij gewaakt is om niet te veel vanuit één bepaalde christelijke stroming te schrijven [1]. Tegelijkertijd lezen we in de Jongerenbijbel het volgende in het hoofdstuk “Inleiding op de bijbel”:

 

Omdat de bijbel door veel mensen als het gezaghebbende Woord van God wordt beschouwd, kan hij ook makkelijk misbruikt worden. Dat gebeurt als iemand met losse teksten uit de bijbel z’n eigen gelijk probeert te bewijzen. Zo van: ‘Het staat in de bijbel, dus het is waar wat ik zeg’. [2]”

 

En dan komt men vervolgens in hetzelfde gedeelte met de voorbeelden dat ook de satan het Woord van God citeerde om te proberen Jezus te verleiden. Men wijst op het feit dat de context belangrijk is. Dit is natuurlijk een gegeven wat wij niet zullen ontkennen. Een tekst, uit zijn context gehaald, kan een totaal verkeerde indruk geven, en daardoor tot verkeerde uitleg leiden! Echter de auteurs van de Jongerenbijbel gaan dan meteen een stapje verder. Zij spreken niet alleen over de context, de tekstuele context, zoals dat genoemd wordt, maar vervolgens ook over de culturele context. We hebben gezien waar dat toe leidt: delen van de Bijbel worden op grond van de cultuur niet voor vandaag geldig verklaard. In het citaat noemt men ook: “met losse teksten uit de bijbel z’n eigen gelijk” proberen te bewijzen. Dit komen we ergens anders in de Jongerenbijbel opnieuw tegen. Op de Thema-pagina “Profetisch perspectief” staat het volgende:

 

In de latere christelijke kerk vind je dan ook allerlei zogenaamde ‘eindtijdvisies’. Die bestaan meestal uit losse bijbelteksten die aan elkaar zijn geregen tot een theorie over het ‘einde der tijden’ en de komst van een nieuwe, goede wereld. Maar je voelt wel, dat staat een eind af van het perspectief van de profeten zélf. De bijbel leent zich niet echt voor zulke simpele schema’s. Dat zie je al doordat er zoveel verschillende zijn, terwijl ze beweren dat ze de waarheid laten zien” [3].

 

 

De Jongerenbijbel en de bedelingen

 

Het mag duidelijk zijn waar de Jongerenbijbel, zonder het woord te noemen, stelling tegen neemt: de bedelingen! De Bijbel is volgens de Jongerenbijbel niet in “simpele schema’s weer te geven”! Dit gedeelte zit echter vol van de veronderstellingen. Er wordt op een bepaalde manier over de bedelingen gesproken, waardoor een ieder, die het leest, en zich er niet verder in verdiept, meteen een vooroordeel heeft over de bedelingen, want het zijn immers “losse bijbelteksten die aan elkaar zijn geregen tot een theorie over het “einde der tijden” en de komst van een nieuwe, goede wereld”. Waarom zou de Bijbel Zich niet lenen voor “simpele schema’s”? Ook de Jongerenbijbel begint met de schepping. Of dat nu in zes letterlijke dagen is, wordt in het midden gelaten. Een gemiste kans om Jongeren de waarheid van Gods Woord duidelijk te maken. Maar men begint met de schepping, en men spreekt er over dat er in de toekomst een nieuwe hemel en een nieuwe aarde komt! Met andere woorden: de Jongerenbijbel erkent een ontwikkeling in de tijd, er is geschiedenis. Vervolgens maakt men verschil tussen het Oude en het Nieuwe Testament, waarbij in het Oude Testament het volk Israël centraal staat, terwijl men in het Nieuwe Testament meer wijst op de “kerk”. Het leven van de Heere Jezus plaatst men aan het begin van het Nieuwe Testament! En zo ontstaat er in de Jongerenbijbel een geschiedenislijn! Men verdeelt Gods Woord over die geschiedenislijn. Maar zodra mensen over de eindtijd beginnen, dan zijn zij opeens allerlei losse teksten aan elkaar aan het rijgen!

 

 

Van die dag en die ure weet niemand”

 

Bij de tekst Matthéüs 24 : 36, waar staat: “Doch van die dag en die ure weet niemand, ook niet de engelen der hemelen, dan Mijn Vader alleen”, geeft de Jongerenbijbel de volgende toelichting:

 

Van tijd tot tijd staat er iemand op die het einde van de wereld voorspelt en daar een jaartal bij noemt. De jaren 1000 en 2000 waren erg populair. Andere mensen geven tijdsschema’s van de eindtijd, waarop je zou kunnen zien hoe ver we ongeveer gevorderd zijn in het plan van God. Hoe denk jij daarover?” [4].

 

Inderdaad zegt de Bijbel dat wij de dag en het uur niet weten. Helaas zijn er iedere keer weer mensen die toch een datum noemen! Echter we zien dat de Jongerenbijbel een Bijbelse tijdlijn op hetzelfde niveau stelt als het noemen van dag of uur! Echter de Heere heeft niet voor niets de profetieën gegeven. De Heere spreekt ook over “de tekenen der tijden” (Matth. 16 : 3), zodat wij de geschiedenis kunnen plaatsen (Matth. 24 : 3 – 35, Luk. 21 : 7 – 36, 2 Thess. 2 : 1 – 12), en zodat we kunnen zien hoever het is. Luk. 21 : 31 zegt zelfs: “Alzo ook gij, wanneer gij deze dingen zult zien geschieden, zo weet, dat het Koninkrijk Gods nabij is”. Met andere woorden, de Heere Zelf geeft aan dat wij, aan de hand van wat Gods Woord zegt, kunnen zien in wat voor tijd wij leven! Zo geeft de Jongerenbijbel al weer een veronderstelling, waarmee men de lezer min of meer een (voor)oordeel aanpraat! Een vooroordeel dat heel ergens anders naar toe wijst, dan waar de Bijbel naar toe wijst. De Jongerenbijbel stuurt aan op: U kunt niet weten waar u op Gods tijdlijn leeft; terwijl de Bijbel aangeeft, juist in de eindtijd: opdat u WEET dat de vervulling van Gods toekomst nabij is!

 

 

Valse beschuldigingen...

 

De Jongerenbijbel stelt dat er zoveel visies zijn als het om de eindtijd gaat. Men geeft daarmee eigenlijk aan dat al het eindtijd-denken on-Bijbels is. Maar men vergeet dat de eigen kerkelijke gezindtes (Gereformeerde Kerken Vrijgemaakt, Nederlands Gereformeerde Kerken, Protestantse Kerk in Nederland, Evangelie Gemeentes, Unie van Baptistengemeenten, en Christelijk Gereformeerde Kerk [5]) net zo, of misschien nog wel meer verdeeld zijn! Over dopen bijvoorbeeld, kinderdoop ((Nederlands)Gereformeerde Kerken (Vrijgemaakt), PKN) of volwassendoop (Evangelie Gemeentes, Unie van Baptistengemeentes), wordt, om de vrede te bewaren, in de Jongerenbijbel maar geen duidelijke uitspraak gedaan. Daarvan wordt in feite gezegd dat elke kerk zijn “eigen manier” heeft “om het geloof vorm te geven” [6]. En dat terwijl de Bijbel in Hand. 8 : 36 en 37 het volgende laat zien: “...en de kamerling zeide: Ziedaar water; wat verhindert mij gedoopt te worden? En Filippus zeide: Indien gij van ganser harte gelooft, zo is het geoorloofd”. Het voert te ver om het onderwerp de doop hier helemaal uit te werken, echter de Schrift maakt op zovele plaatsen duidelijk dat mensen zich lieten dopen wanneer zij tot geloof kwamen. Een klein kind, vaak nog een baby, kan die keuze nooit zelf gemaakt hebben! Dan kan men zich verschuilen achter de “eigen manier om het geloof vorm te geven”, maar deze eigen manier is dan wel in strijd met Gods Woord! Het argument dat er zoveel eindtijdvisies zijn, is een vals argument, om Christenen bij de bedelingen weg te houden! En dan te bedenken dat “de bedelingen” één van de weinige Bijbelse studiemethoden is. De Heere roept de mens Zelf op om Zijn Woord op een rechte manier te verdelen, zodat de mens niet beschaamd uitkomt. In 2 Tim. 2 : 15 staat geschreven: “Benaarstig u, om uzelf Gode beproefd voor te stellen, een arbeider, die niet beschaamd wordt, die het Woord der waarheid recht snijdt”. De King James 1611 zegt hier (vertaald): “het Woord der waarheid recht verdelend”. In ieder geval wordt duidelijk hoe men argumenten zoekt om de Bijbel niet in simpele schema’s te hoeven gieten. Maar waarom zou men er bang voor zijn, dat mensen de Bijbel in simpele schema’s kunnen verdelen? Is men bang dat de theologie dan aan haar einde komt? Is men bang dat mensen de Bijbel zelf durven te gaan lezen, zonder de dominee te raadplegen? Is men bang dat mensen erachter komen dat de verschillende kerken hun eigen regeltjes gemaakt hebben, die niets van doen hebben met Gods Woord? Is het “lijfsbehoud” van de theologen en hun studie en hun kerkelijke organisatie?

 

 

Daniël en Openbaring

 

Hoever men het argument van de verschillende eindtijdvisies en hun achtergrond in de “latere christelijke kerk” doorvoert, blijkt uit hetgeen we tevens op de Themapagina “Profetisch perspecitef” lezen:

 

Het is eigenlijk niks nieuws. De drie eeuwen voor en na Christus waren ook zo’n tijd van ‘eindtijdvisies’. Daar bestond een bloeiende literatuur over, met geschriften als het bijbelboek Daniël (vooral de tweede helft daarvan), en ook de Openbaring van Johannes. Die beschrijft de eindtijd vanuit een christelijk perspectief” [7].

 

Hier blijkt dus, hoe men de Bijbelboeken Daniël en Openbaring rekent tot een toenmalige literatuursoort, die men vergelijkt met de hedendaagse eindtijdvisies, en waarvan men heeft gezegd: “Maar je voelt wel, dat staat een eind af van het perspectief van de profeten zélf” [8]. Tevens wordt van Openbaring gezegd, dat het Boek de eindtijd beschrijft “vanuit een christelijk perspectief”! In Openb. 1 : 1 staat geschreven: “De openbaring van Jezus Christus, die God hem gegeven heeft, om Zijn dienstknechten te tonen de dingen, die haast geschieden moeten; en die Hij door Zijn dienstknecht Johannes te kennen gegeven heeft”. Johannes mag de toekomst opschrijven (Openb. 1 : 19), die hij gezien heeft door openbaring van Jezus Christus. Net als Paulus, kreeg Johannes Gods Woord geopenbaard (Gal. 1 : 12). Openbaring is dus niet geschreven vanuit een “christelijk” perspectief, maar het is Gods Woord voor ons mensen! We hebben er al eerder bij stilgestaan dat profeten optraden als “mond van God”. Daniël is zo een profeet! “Zijn” Boek wordt door de Heere Jezus erkend in de Hebreeuwse canon (zie “De Jongerenbijbel: Gods Woord beter begrijpen?”, Luk. 24 : 44, en de studie over “De apocriefe boeken”). Daniëls gezichten, die hij zag, waren openbaringen van God! In Dan. 12 : 8 – 10 lezen we: “Dit hoorde ik, doch ik verstond het niet; en ik zeide: Mijn Heere! Wat zal het einde zijn van deze dingen? En Hij zeide: Ga heen, Daniël! Want deze woorden zijn toegesloten en verzegeld tot de tijd van het einde. Velen zullen er gereinigd en wit gemaakt, en gelouterd worden; doch de goddelozen zullen goddeloos handelen, en geen van de goddelozen zullen het verstaan, maar de verstandigen zullen het verstaan”. Ondanks dat Daniël zelf niet alles begreep, heeft hij ons Gods Woord doorgegeven. En de Heere geeft aan dat er in de eindtijd licht zal zijn op de profetieën van Daniël, dan zullen er mensen zijn, die deze woorden van God begrijpen. De Jongerenbijbel doet Daniël als “zo’n eindtijdsvisie uit die tijd” af, maar Daniël sprak als profeet met de “mond van God”! We zien hier opnieuw hoe de Jongerenbijbel twee Bijbelboeken hun zeggenschap, hun gezag, probeert te ontnemen.

 

 

Profetie: virtual reality?

 

Maar hoe gaat de Jongerenbijbel om met profeten en profetieën? Volgens de Jongerenbijbel spreken de profeten weldegelijk over de toekomst. Maar dan wordt het één en ander toegelicht:

 

Het is alsof de profeten boven op een bergtop staan, (...). Ze beschrijven het uitzicht. Wat dichtbij ligt, zien ze scherp, maar de volgende berg wordt al minder helder. En wat echt in de verte ligt, zien ze nog maar vaag. Ze zeggen dingen over de directe toekomst van hun volk, maar soms over latere tijden, dingen waarvan wij denken dat ze met ónze toekomst te maken hebben. Dat zijn profetieën die nog niet ‘vervuld’ zijn. Dat prikkelt onze fantasie. We willen wel weten wat God voor ons in petto heeft” [9].

 

Vervolgens volgt dan de beschrijving van de ‘eindtijdvisies’, zoals die met name in de latere christelijke kerk naar voren kwamen, die een eind af zouden staan van het perspectief van de profeten zelf, waar Daniël en Openbaring een goed voorbeeld van zouden zijn! Wat de profeten zeggen, zou onze fantasie prikkelen! Aldus de Jongerenbijbel. Dat is een mogelijkheid, ja! Maar wanneer wij ons aan Gods Woord houden, en lezen over de toekomst, dan heeft dat niets met fantasie te maken. De Heere maakt duidelijk in Zijn Woord dat profetieën, die van Hem afkomstig zijn, 100 % uitkomen. In Deut. 18 : 21 en 22 lezen we het volgende: “Zo gij dan in uw hart zoudt mogen zeggen: Hoe zullen wij het woord kennen dat de Heere niet gesproken heeft? Wanneer die profeet in de Naam des Heeren zal hebben gesproken, en dat woord geschiedt niet, en komt niet; dat is het woord, dat de Heere niet gesproken heeft; door vermetelheid heeft die profeet dat gesproken; gij zult voor hem niet vrezen”. Met andere woorden: Wat profeten van God spreken, komt 100 % uit, anders is de profeet niet van God afkomstig! De profeet Micha profeteerde een ruime 600 jaar voor Christus dat de geboorte van de Messias in Bethlehem zou plaatsvinden (Micha 5 : 1). De Heere Jezus is in Bethlehem geboren (Luk. 2 : 1 – 7). Jesaja profeteerde ook ruim 600 jaar voor de geboorte van de Heere Jezus dat de Messias uit een maagd geboren zou worden, en Zijn Naam Immanuël zou zijn (Jes. 7 : 14). De Heere Jezus is uit een maagd geboren door de Heilige Geest, Hij werd Emmanuël genoemd (Matth. 1 : 18, 23). Jeremia profeteerde ruim 500 jaar voor de geboorte van de Heere Jezus dat er rouw zou zijn om de kinderen in Rama (Jer. 31 : 15). Toen Heródes, na de geboorte van de Heere Jezus, de kinderen tot twee jaar oud in Bethlehem en omstreken liet doden, was er “geklag, geween en veel gekerm” in Rama (Matth. 2 : 17, 18). Jesaja profeteerde ruim 600 jaar voor de geboorte van de Heere Jezus dat de Messias zou lijden en sterven voor het volk (Jes. 53 : 4, 5, 7). De Heere Jezus heeft geleden en is gestorven voor het volk (Luk. 23 : 33 – 48, 2 Kor. 5 : 21). Reeds ongeveer 700 jaar voor de geboorte van de Heere Jezus gaf God het teken van Jona. De Messias zou drie dagen en drie nachten in het graf zijn, en daarna opstaan uit de dood (Jona 1 : 17, 2 : 5, 6; Matth. 12 : 39, 40). De Heere Jezus is drie dagen en drie nachten in het graf en in het hart der aarde geweest, waarna Hij is opgestaan uit de dood (Luk. 24 : 1 – 12, 21, 27). En zo zijn er nog vele profetieën letterlijk in vervulling gegaan. Ook profetieën die reeds 1000 tot 4000 jaar voor de geboorte van de Heere Jezus opgeschreven zijn. De profetieën zijn het bewijs van Gods Woord. Gods Woord is waarheid. Gods Woord komt 100 % uit. Het maakt niet uit hoe lang geleden de profetieën uitgesproken en opgeschreven zijn, ze komen letterlijk uit.

 

En dan te bedenken dat de Jongerenbijbel de profetieën vergelijkt met Virtual Reality! In het hoofdstuk “Indeling van de bijbelboeken” lezen we onder het kopje “Verschillende soorten boeken” over de profetische boeken het volgende:

 

Deze boeken gaan over wat God vraagt van zijn volk, hoe hij mensen waarschuwt en wat hij belooft. Dit maakt God bekend via profeten. Soms rechtstreeks, soms door middel van een visioen: een soort ‘virtual reality’ die God laat zien aan de profeet” [10].

 

Virtueel betekent echter dat het niet echt is! In het woordenboek vindt u onder “virtueel”: “innerlijk aanwezig, maar voor het ogenblik niet werkzaam”, of: “schijnbaar aanwezig, denkbeeldig” [11]. En in Wikipedia vinden we onder “Virtual Reality” onder andere het volgende:

 

De term virtual reality is oorspronkelijk bedoeld als een term die aangeeft dat de gebruiker volledig ‘ondergedompeld’ wordt in de gesimuleerde omgeving,...” [12].

 

De gebruiker wordt weliswaar geheel ondergedompeld in..., maar de omgeving is gesimuleerd, nagebootst, niet echt! En dat staat in schril contrast met wat God beschrijft: dat is wel echt! God kan mensen optrekken tot in de hemel (2 Kor. 12 : 2 – 4), of in de geest op een andere plaats of tijd brengen (Openb. 1 : 10). Dat is niet nagebootst, of schijnbaar. Dat is echt! God staat boven de tijd! Zoals Hij de profeten in het Oude Testament dingen liet zien over Jezus’ eerste komst, zo liet Hij hun, maar ook de Nieuwtestamentische profeten en apostelen, dingen zien over Zijn tweede komst. Gezien de Waarheid van Zijn Woord, zullen ook deze dingen letterlijk en 100 % in vervulling gaan! Geen schijnbare werkelijkheid, maar wérkelijkheid, waarheid!

 

 

Gods Woord: vaag?

 

En dan terug naar het beeld dat de Jongerenbijbel gebruikt, het beeld van de bergtoppen: Hoe verder iets weg is, hoe vager de profeten zouden zien! Menselijker wijs klopt dat beeld. Want hoe verder iets weg is, hoe waziger onze ogen iets registreren. Maar het beeld, dat de Jongerenbijbel doorgeeft, klopt toch niet! De profeten spraken als de “mond van God”, de profeten en de apostelen kregen Gods Woord geopenbaard van de Heere Zelf. God staat boven de tijd! Hij is van eeuwigheid tot eeuwigheid, Hij is Alwetend (2 Kron. 16 : 9, Jes. 42 : 9, Jes. 44 : 6 – 8), Hij is Alomtegenwoordig (Ps. 139 : 7 – 10)! Dat betekent dat God alles weet! En wanneer Hij iets over de toekomst vertelt, dan gaat dat gebeuren. Nu weten wij lang niet alles van de toekomst, maar wát God openbaart in Zijn Woord, dát weten wij! Dat is nauwkeurig, en beslist niet weinig! Het beeld van de bergtoppen ben ik eerder tegengekomen, en daar werd het anders geformuleerd, en dan klopt het wel! Clarence Larkin schrijft in zijn boek, “Dispensational Truth or God’s Plan and Purpose in the Ages”, het volgende:

 

De Oudtestamentische profeet zag de toekomst als gescheiden pieken van één berg. Hij kon niet zien dat deze pieken zich in groepen verzamelden, met een dal, het dal van de Gemeente, daartussen. (...) Zoals zichtbaar op de kaart zag de profeet in een rechte lijn de bergtoppen van de profetie, maar hij zag het dal van de Gemeente niet” [13].

 

Zo klopt het beeld met wat Gods Woord laat zien. De bergtoppen van de profetie zien de profeten weldegelijk! Wat de profeten niet zagen, was het dal tussen de bergtoppen! Dit dal zagen zij niet vaag, maar in het geheel niet, omdat de Heere hen daar geen profetieën over gaf! De Heere openbaarde de bergtoppen in het Oude Testament luid en duidelijk, maar het dal was ten tijde van het Oude Testament een geheimenis (Rom. 16 : 25, 26).

 

 

Symboliek

 

In de Jongerenbijbel worden de profetieën over onze toekomst vaag genoemd. Waarom wil men de toekomstige profetieën als vaag kunnen bestempelen? Dit hangt weer samen met hoe men aankijkt tegen het Bijbelboek Openbaring. Op de Themapagina “De symboliek van Openbaring” staat geschreven:

 

Openbaring is niet bedoeld als een soort theologische puzzel, (...). Het is niet een genadeloos draaiboek van Gods oordeel over deze wereld: de schrijver wil duidelijk maken dat God de touwtjes in handen heeft en dat je hoop en moed mag putten uit het feit dat, ondanks de ‘barensweeën’ waar de wereld in verkeert, er een nieuwe hemel en een nieuwe aarde ‘geboren’ zullen worden” [14].

 

Natuurlijk heeft God de geschiedenis in handen, en mogen we daar moed uit putten! Echter de profetieën zijn waarheid en komen tot op de letter uit. Dat heeft de Heere door Jezus Christus’ eerste komst heen laten zien. Openbaring geeft heel duidelijk opeenvolgende gebeurtenissen. Weliswaar beschreven in episodes, maar er zit volgorde in. En het gaat heel duidelijk over een periode van Gods toorn, die de aarde gaat treffen. Met andere woorden: Openbaring geeft weldegelijk een soort van draaiboek over de periode van de Grote Verdrukking, en daarna! Weten we alles? Vast niet! Maar we weten wel veel, en wat we weten is VAST en ZEKER, omdat God het geopenbaard heeft! Openbaring wordt vaak moeilijk gemaakt door de theologen. Zo ook door de Jongerenbijbel. De reden daarvoor wordt vaak toegeschreven aan de symboliek. Op de bewuste Themapagina bij het boek Openbaring vinden we in de Jongerenbijbel het volgende geschreven:

 

Openbaring is bepaald niet een boek dat je zomaar in één adem uitleest. Het boek zit vol met symboliek die vaak moeilijk te begrijpen is”  [15].

 

Het grote probleem is meestal dat men meer symboliek in de Bijbel wil lezen dan er in staat. We moeten proberen de Bijbel te lezen, zoals het geschreven staat. En vervolgens moeten we proberen de Bijbel Zichzelf uit te laten leggen. Zo noemt de Jongerenbijbel inderdaad dat Openbaring een deel van de symboliek zelf uitlegt. Als voorbeeld wordt bijvoorbeeld gegeven dat de Heere Jezus zeven sterren in Zijn rechtehand houdt (Openb. 1 : 16), waarvan in Openb. 1 : 20 uitgelegd wordt dat de sterren engelen zijn [16]. En zo zijn er meer voorbeelden te noemen. Maar waarom is men daar dan niet consequent in? Over de 144.000 verzegelden lezen we in de Jongerenbijbel namelijk het volgende:

 

In Openbaring is sprake van getallensymboliek. Er zijn veel verschillende meningen over bijvoorbeeld de ‘144.000’ heiligen van hoofdstuk 7 en 14. Zijn dat er letterlijk 144.000 of is dit een symbolische omschrijving van een grote groep mensen? En om welke mensen gaat het dan? Duizend heeft de symbolische waarde van heel veel. Twaalf staat voor volheid. En zo zou je het getal 144.000 dus kunnen invullen als ‘een volheid’ maal ‘een volheid’ maal ‘heel veel’ ” [17].

 

Waarom zoveel twijfel oproepen als de Bijbel nergens zegt dat het getal symbolisch bedoeld is? Waarom twijfel oproepen over wat voor soort mensen het gaat, als de Bijbel het Zelf omschrijft? In Openbaring 7 : 4 staat geschreven: “En ik hoorde het getal van hen, die verzegeld waren: honderd vier en veertig duizend waren verzegeld uit alle stammen Israëls”. Vervolgens worden de stammen genoemd, en uit elke stam zijn er twaalfduizend verzegeld. Lees de verzen 5 tot en met 8 van Openb. 7 er maar op na! Vervolgens zegt Openb. 14 : 4 nog over hen: “Dezen zijn het, die met vrouwen niet bevlekt zijn, want zij zijn maagden; (...)”. Wat is het toch moeilijk te achterhalen wie de 144.000 verzegelden zijn....!? Wat de Jongerenbijbel ook zegt, de 144.000 zijn Joodse maagden! Zij komen uit de stammen Israëls! Waarom dit niet gewoon aannemen? Omdat men dan moet toegeven dat Israël in de Grote Verdrukking weer een hele belangrijke rol speelt. Waarom is dit een probleem? Omdat de meeste kerken en hun theologen leren dat de kerk in de plaats van Israël is gekomen! Om die theorie te laten kloppen, moet de Bijbel wel symbolisch uitgelegd worden! En zo gaat het met heel veel teksten. Uiteindelijk zal in de toekomst blijken, dat al die theologen, die Gods Woord verdraaien, leugenaars zijn, en dat Gods Woord waarheid is! En dat de mensen die Waarheid hadden kunnen kennen, als zij maar niet hun (door de symboliek) verblinde leidslieden achterna gelopen waren (Matth. 15 : 14, 23 : 24).

 

 

Babylon en de oecumene

 

In het Bijbelboek Openbaring komen we Babylon tegen, de stad die de grote hoer genoemd wordt (Openb. 17 : 1, 5). Als we de beschrijving van Babylon lezen, dan weten we dat het te maken heeft met Rome en de daar gezetelde Rooms-katholieke Kerk. Maar wat zien we gebeuren in de Jongerenbijbel? In de Jongerenbijbel wordt Babylon betrokken op het Oude Rome van het Romeinse Rijk. Bij Openb. 17 : 1 – 18 : 23 vinden we een zogenaamde “Eye-opener”, waarin het volgende geschreven staat:

 

In deze twee hoofdstukken wordt in detail uitgewerkt wat in 16 : 19 in één zin al was genoemd: de val van Babylon, waarmee verwezen wordt naar Rome. De stad wordt gepresenteerd als een hoer. Voor de lezers van die dagen was dat niet zo vreemd, want profeten als Jesaja, Jeremia en Ezechiël hadden al eerder de steden Tyrus, Nineve en zelfs Jeruzalem vergeleken met een hoer” [18].

 

Hier staat nog niet dat met Rome het Oude Romeinse Rijk bedoeld wordt, maar dat men die kant op wil, blijkt uit de volgende “Eye-opener” bij Openb. 17 : 1 – 6:

 

Als we goed naar de uitleg van de engel luisteren, kunnen we daarin het Romeinse Rijk herkennen: Rome is gebouwd op zeven heuvels. De zeven koningen zijn de keizers vanaf keizer Augustus (die keizer was toen Jezus geboren werd), de achtste is dan Domitianus, naar wie we al eerder mogelijke verwijzingen hebben gezien (zie de aantekeningen bij 1:9 en 13:18)” [19].

 

Door te stellen dat de val van Babylon, de val van het Romeinse Rijk is, worden al deze profetieën in het verleden geplaatst, en hebben ze geen betrekking meer op vandaag de dag of de toekomst. Inderdaad heeft het Romeinse Keizerrijk de Christenen vervolgd. Maar de gouden drinkbeker (Openb. 17 : 4) was geen symbool van het oude Keizerrijk. De gouden drinkbeker, de heilige graal, is het symbool van de eucharistie van de Rooms-katholieke Kerk! In Openb. 17 : 6 staat geschreven: “...En ik verwonderde mij, toen ik haar zag, met grote verwondering”. Johannes heeft zich niet verwonderd over het Keizerrijk waar hij midden in leefde. Hij is nota bene zelf verbannen naar Patmos! Nee, hij verwonderde zich over de religieuze macht die hij zag, en die de gelovigen in Jezus Christus in Zijn Naam doodt! Rome, de Rooms-katholieke Kerk heeft in de Middeleeuwen, maar ook daarna, vele Bijbelgelovigen gedood! Vele malen meer dan het aantal Christenen dat gedood is door de Roomse keizers. In de toekomst zal dit opnieuw, onder aanvoering van de Roomse Paus, gebeuren! Helaas wil men dit niet aannemen, en men wil de mensen laten geloven dat het allemaal al voorbij is! Waarom? Ook de Rooms-katholieke Kerk met haar eucharistie-viering, is, volgens de auteurs van de Jongerenbijbel, een kerk die het geloof op haar eigen manier vorm geeft. En daar is schijnbaar niets mis mee [20]. Ondanks dat er alleen theologen uit de Protestantse kerken hebben deelgenomen aan de samenstelling van de Jongerenbijbel, zien we de oecumene door deze Jongerenbijbel heen gepromoot worden. Avondmaal en eucharistie worden bijvoorbeeld in één adem genoemd [21]. En dat terwijl de eucharistie verbonden is aan de transsubstantiatieleer, waarin men leert dat het brood en de wijn op een mystieke wijze veranderen in het lichaam en bloed van de Heere Jezus. Maar daarmee is de eucharistie een voortgaande offering. De Bijbel leert dat het offer van de Heere Jezus eenmaal geschied is (Hebr. 7 : 27, 9 : 26, 28, 10 : 10), en dat het Avondmaal een gedachtenis is aan wat de Heere Jezus voor ons gedaan heeft en een verkondiging daarvan totdat Hij komt (1 Kor. 11 : 24 – 26). Zo is het Avondmaal altijd in Protestantse kring gevierd. De Jongerenbijbel doet nu net alsof het één en hetzelfde is! En zo zien we de knieval voor Rome! Evenzogoed wordt in een “Eye-opener” de Roomse Franciscus van Assisi (1182-1226) genoemd [22], als voorbeeld van iemand die zijn geloof in de praktijk bracht. En dat terwijl Rome in de Middeleeuwen de mensen Gods Woord niet liet lezen. En als de mensen dat wel deden, en Het als waarheid aannamen en verkondigden, dan werden zij gedood. Eén van de grote mannen van Rome, door de Paus zogenaamd heilig verklaard, staat hier in de Jongerenbijbel als voorbeeld genoemd! Wanneer men alle ellende in Openbaring toeschrijft aan het Romeinse Keizerrijk dat voorbij is, kan men goed gaan samenwerken met Rome, dan kan men mensen Roomse principes leren! Echter als Openbaring (voor een deel) toegeschreven wordt aan de Rooms-katholieke Kerk, dan heeft men in de theologie van deze Oecumenische tijd een groot probleem. En dat wil men niet!

 

 

666

 

Maar hoe gaat men dan met de andere profetieën om? Bij het merkteken van het beest – 666 – lezen we de volgende “Eye-opener”:

 

In de oudheid werd er met letters gerekend: bij elke letter hoorde een getal (a=1, b=2 enz.). Zo kon je dus van een naam de letters bij elkaar optellen en kwam je tot een getal. Hoe Johannes bij het getal 666 kwam is niet zeker, maar het zou goed kunnen dat het verwijst naar de Hebreeuwse versie van ‘keizer Nero’ of ‘keizer Domitianus’ ” [23].

 

Ook hier verwijst men weer puur naar het verleden. Echter, het is nog nooit voorgekomen dat alle mensen een merkteken hebben gekregen aan hun rechterhand of aan hun voorhoofd! Dat is wat er geschreven staat in Openb. 13 : 16: “En het maakt, dat het aan allen, kleinen en groten, en rijken en armen, en vrijen en dienstknechten, een merkteken geeft aan hun rechterhand of aan hun voorhoofden”. Er is nog geen tijd geweest waarin alle mensen gemerkt konden worden, en dat zij vervolgens zonder het merkteken niet konden kopen of verkopen. Want dat is wat er geschreven staat in Openb. 13 : 17: “En dat niemand mag kopen of verkopen, dan die dat merkteken heeft, of de naam van het beest, of het getal van zijn naam”. In de tegenwoordige wereld is die mogelijkheid met de biochip een stuk dichterbij gekomen. Hoe is Johannes aan het getal gekomen? Door Openbaring van Jezus Christus misschien...(Openb. 1 : 1)?

 

 

Doen alsof?

 

Hoe ver de uitleg gaat, blijkt ook uit de “Eye-opener” bij Openb. 13 : 11 – 18:

 

Het beest uit de aarde verzorgt de propaganda van het eerste beest: als het eerste beest Rome is, dan staat het tweede beest voor de priesters van de Romeinse keizers, die de mensen wilden dwingen de keizer te aanbidden. Dat deden ze op allerlei manieren, bijvoorbeeld door onweer en bliksem na te bootsen (13 : 13) of te doen alsof een beeld kon praten (13 : 15)” [24].

 

De Bijbel spreekt echter niet over “doen alsof”! Natuurlijk konden beelden in de tijd van het Romeinse Rijk niet spreken! Maar deze tekst gaat over de toekomst. Buiten het feit dat een geestelijke macht een beeld kan laten spreken, om mensen te verleiden, is het zelfs technologisch niet onmogelijk om vandaag de dag een beeld te laten spreken! Daar waar de Bijbel zegt: het gebeurt, daar zegt de Jongerenbijbel: doen alsof! Gods Woord en Zijn waarschuwingen worden niet meer serieus genomen! Ongeloof overheerst, door het niet aannemen van Gods Woord. De Heere Jezus zegt in Luk. 18 : 8 het volgende: “...Doch de Zoon des mensen, als Hij komt, zal Hij ook geloof vinden op de aarde?”.

 

 

Profetie: ontdaan van de Bijbelse betekenis

 

Doordat men aan de ene kant zegt dat profetie over de toekomst gaat, maar aan de andere kant de profetieën naar het verleden toe uitlegt, of door de symboliek moeilijk maakt, en de toekomstige betekenis vaag maakt, of de toekomstige betekenis volledig weghaalt, komt men er toe te stellen dat het profetische perspectief méér is dan toekomst! En daarmee verlegt men de inhoud van de profetische boeken. Men leidt de blik van de mensen van de toekomst af, en richt de blik van de mensen op meer algemene lessen! Zo schrijft de Jongerenbijbel:

 

Wat is het profetisch perspectief dan wél? Nu, dat moet je vooral uit de profeten zelf halen. Het is meer dan alleen toekomst, het is ook de manier waarop je tegen alles aankijkt. Profeten zijn zieners. Zij hebben tijdelijk Gods ogen te leen. Daarmee doorzien ze de maatschappij, en de samenhang van alles wat er gebeurt. Dat is gekoppeld aan het gedrag van het volk. Wat voor gewone mensen toevalligheden zijn, zoals de agressie van vreemde volken, zien de profeten als iets wat Israël over zichzelf afroept. Zij peilen de drijfveren van de mens, en wat die teweegbrengen. Dat staat dicht bij ons, en het blijft altijd actueel. Lezen in de profeten levert het meeste op als je dat in de gaten houdt” [25].

 

En wanneer het dan toch over de toekomst gaat, lezen we in de Jongerenbijbel:

 

Zo is het ook in Ezechiël 37, Die tekst gaat over het herstel van Israël en het koningschap van David. Maar dit wordt op zo’n manier beschreven dat je je voor kunt stellen dat mensen hier later een aankondiging in hebben gelezen van het koninkrijk van God en de komst van de messias. Profetisch perspectief is niet alleen actueel en onthullend, het is verbazingwekkend” [26].

 

De profetie is op zo’n manier geschreven, dat mensen er de komst van de messias in zijn gaan lezen, aldus de Jongerenbijbel! Het is niet meer Gods Woord dat ons meedeelt dat de Messias zal komen en Israël zal herstellen, dat in vervulling zal gaan, maar het is Ezechiëls geschrift dat zo verbazingwekkend geschreven is, dat mensen de komst van de messias erin zijn gaan lezen! Daarmee is de profetie volledig ontdaan van de Bijbelse betekenis. Het is verworden tot wat mensen er in lezen! Dat is de theologie van vandaag de dag! Dat is wat de Jongerenbijbel de jongeren wil leren... Alles is uit het verband gerukt, en mensen die de verbanden in schema’s willen weergeven, worden als te simpel afgeschilderd, het zijn mensen die losse verzen aan elkaar rijgen! Wat ze in feite zelf doen, proberen ze bij anderen neer te leggen! Een machtig instrument van satan om mensen bij de waarheid weg te houden.

 

 

Een gewaarschuwd mens...

 

Wees gewaarschuwd voor de lege redeneringen van de theologie en de Jongerenbijbel, die u ongefundeerde vooroordelen aanpraten, waardoor u Gods Woord niet letterlijk gaat lezen, waardoor de theologie een instrument is van de satan, met de bedoeling om Gods Woord van macht en gezag te ontdoen. In plaats van Gods Woord aan te nemen als waarheid, en daardoor gesterkt te worden, leert de theologie mensen troost te putten uit fabels. En als Gods Woord een fabel is, waarom zou u dan nog alleen bij Gods Woord blijven?

 

 

[1] ‘Jongerenbijbel, met de tekst van de Nieuwe Bijbelvertaling’, Nederlands Bijbelgenootschap en Evangelische Omroep, Uitgeverij NBG, Heerenveen, 2006, blz. V13, N3.

[2] Idem, blz. V29.

[3] Idem, blz. (OT)1026.

[4] Idem, blz. (NT)37.

[5] Idem, blz. V13.

[6] Idem, blz. (NT)278.

[7] Idem, blz. (OT)1026.

[8] Idem.

[9] Idem.

[10] Idem, blz. V31.

[11] ‘Verklarend handwoordenboek der Nederlandse taal’, M.J. Koenen, J.B. Drewes, Wolters-Noordhoff, Groningen, 27e druk, 1985, blz. 1522.

[12] ‘Wikipedia’, zie onder “Virtual Reality”.

[13] ‘Dispensational Truth or God’s Plan and Purpose in the Ages’, Clarence Larkin, Rev. Clarence Larkin Est., Glenside, U.S.A., 1918, 1920, blz. 7.

[14] ‘Jongerenbijbel, met de tekst van de Nieuwe Bijbelvertaling’, Nederlands Bijbelgenootschap en Evangelische Omroep, Uitgeverij NBG, Heerenveen, 2006, blz. (NT)415.

[15] Idem, blz. (NT)414.

[16] Idem.

[17] Idem.

[18] Idem, blz. (NT)430.

[19] Idem.

[20] Idem, blz. (NT)278.

[21] Idem, blz. (NT)120, (NT)244.

[22] Idem, blz. (NT)98.

[23] Idem, blz. (NT)426.

[24] Idem, blz. (NT)427.

[25] Idem, blz. (OT)1026, (OT)1027.

[26] Idem, blz. (OT)1027.