Blue Flower

Waar is “het Woord” gebleven?



Inleiding

Gods Woord is in feite alles wat wij hier op aarde nodig hebben. Natuurlijk moet een mens eten hebben om in leven te blijven, kleding en een dak boven het hoofd zijn belangrijk. Maar Gods Woord is voor ons het allerbelangrijkste. In Psalm 119 : 72 lezen we: “De wet van Uw mond is mij beter, dan duizenden van goud en zilver”. Al waren we nog zo rijk, dat we alles zouden kunnen kopen wat ons hart begeert, maar hadden Gods Woord niet, dan hadden we geen uitzicht, dan hadden we geen toekomst. Gods Woord getuigt van Jezus Christus, en Hij geeft ons het eeuwige leven. In Joh. 20 : 31 lezen we: “Maar deze zijn geschreven, opdat gij gelooft, dat Jezus is de Christus, de Zoon van God; en opdat gij, gelovende, het leven hebt in Zijn Naam”.


Het Woord: een compleet geestelijk dieet!

Wanneer de Heere in Zijn Woord aangeeft, dat de mens niet alleen van brood zal leven, dan zegt Hij daarbij: “maar bij alle Woord Gods” (Luk. 4 : 4). In feite is Gods Woord ons hemelse Brood! Jezus Christus noemt Zichzelf: “het Brood des levens” (Joh. 6 : 48). Gods Woord getuigt van Hem, en door dat Woord tot ons te nemen, door Hem te geloven, krijgen wij het eeuwige leven (Ef. 1 : 13, 14). Gods Woord is als honing voor ons. Honing maakt lekker zoet en geeft energie. In Psalm 119 : 103 lezen we: “Hoe zoet zijn Uw redenen mijn gehemelte geweest, meer dan honing mijn mond”. Wanneer onze ziel bedroefd is, dan sterkt Gods Woord ons. In Psalm 119: 25 lezen we: “Mijn ziel kleeft aan het stof; maak mij levend naar Uw woord”. En in vers 28 lezen we: “Mijn ziel druipt weg van treurigheid; richt mij op naar Uw woord”. Zo wordt Gods Woord ook vergeleken met melk. In 1 Petr. 2 : 2 staat geschreven: “En, als nieuwgeboren kinderkens, weest zeer begerig naar de redelijke onvervalste melk [de King James 1611 zegt: van het Woord], opdat gij moogt opwassen”.  Kinderen hebben in de groei melk (calcium) nodig, zodat zij groeien en hun botten zich sterk ontwikkelen. Gods Woord wil ons sterk maken. De Heere roept ons op om standvastig te zijn (1 Kor. 15 : 58), maar dat kunnen wij alleen maar zijn, wanneer we ons laten sterken door Zijn Woord. In Psalm 119 : 133 lezen we: “Maak mijn voetstappen vast in Uw Woord, en laat geen ongerechtigheid over mij heersen”. Dus door veel met Gods Woord bezig te zijn, krijgt de ongerechtigheid, de zonde, geen kans om over ons te heersen! Daardoor mogen wij opwassen, mogen wij groeien in de kennis van Hem (2 Petr. 3 : 18). Zolang een kind alleen nog maar melk krijgt, krijgt het nog geen vaste spijs. Een gelovige die nog maar net tot geloof gekomen is, is onervaren in het “woord der gerechtigheid”. Maar zodra wij ook vlees, vaste spijs kunnen gaan eten, gaan wij leren te onderscheiden tussen goed en kwaad. Hebr. 5 : 13 en 14 zeggen: “Want een ieder, die de melk deelachtig is, die is onervaren in het woord der gerechtigheid; want hij is een kind. Maar voor de volmaakten is de vaste spijs, die door de gewenning de zinnen geoefend hebben, tot onderscheiding beide van het goede en van het kwade”. Gods Woord wil ons de vaste spijs geven, zodat wij weten hoe wij wandelen moeten. Dat zal ons ook bewaren voor valse apostelen, profeten en andere valse zogenaamde dienaren van Christus (2 Kor. 11 : 13 – 15). Psalm 119 : 110 zegt: “De goddelozen hebben mij een strik gelegd; nochtans ben ik niet afgedwaald van Uw bevelen”.

En zo geeft de Bijbel, het Woord van God, een compleet geestelijk dieet, om ons geestelijk gezond te houden!


Gods Woord: de vijand doorzien

Daarnaast zegt de Heere, dat Zijn Woord is als een vuur, en een hamer: “Is Mijn Woord niet alzo, als een vuur? Spreekt de Heere, en als een hamer, die een steenrots te morzel slaat?” (Jer. 23 : 29). Om even in de beeldspraak van het geestelijke dieet te blijven: Vuur hebben we nodig om het eten te bereiden. Maar tevens schrikt het de vijanden af, en de Heere maakt duidelijk dat Hij aan het eind met Zijn vijanden door middel van vuur afrekent (Openb. 20 : 9). Gods Woord wordt tevens het “zwaard des Geestes” genoemd (Ef. 6 : 17). Met dit wapen kunnen we de aanvallen van de vijand weerstaan. Toen de Heere Jezus door de duivel in de woestijn verzocht werd, nota bene met teksten uit Gods Woord (Luk. 4 : 10, 11 bijv.), weerstond Hij de duivel door te zeggen: “…er is geschreven…” (zie bijv. Luk. 4 : 8). De Bijbel is als water. Met water kunnen we ons wassen, zo ook met het Woord van God. Door ons te wassen met het Woord, kunnen wij rein voor God staan. Ef. 5 : 26 zegt: “Opdat Hij haar heiligen zou, haar gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord”. En Gods Woord is een licht voor onze voet en een licht voor ons pad (Ps. 119 : 105). Door Gods Woord gaan we verstandig worden, zien we in deze duistere wereld waar we naar toe moeten en doorzien we de vijand omdat we goed en kwaad onderscheiden, zoals Psalm 119 : 130 zegt: “De opening van Uw woorden geeft licht, de onverstandigen verstandig makende”.

We zien door alles heen hoe belangrijk dat Woord van God is. En hoe dankbaar mogen we zijn, dat we van de Heere Zijn Woord hebben gekregen, en dat Hij beloofd heeft dat Woord voor ons te bewaren!


Als mensen dat Woord niet hebben…

Maar dat geeft ook aan waarom het de duivel er alles aan gelegen is, om dat Woord van God uit handen van de mensen te halen. Als mensen dat Woord niet hebben, kunnen zij niet tot geloof komen, kunnen zij niet gezond groot groeien in het geloof, worden zij niet opgebeurd te midden van een verschrikkelijk treurige wereld, zien zij niet het onderscheid tussen het goede en het kwade, en zijn dus niet bestand tegen de valstrikken van de boze! Zij missen het licht op hun pad! We zagen al dat de duivel met de nieuwe vertalingen een instrument heeft om mensen te vervreemden van het Woord van God. En in Nederland heeft hij er weer een zeer doelmatig instrument bijgekregen: de BGT.


Waar is “het Woord” in de BGT gebleven?

In Joh. 1 : 1 lezen we in Gods Woord: “In den beginne was het Woord, en het Woord was bij God, en het Woord was God”. In de NBV van 2004 luidde dit nog:

“In het begin was het Woord, het Woord was bij God en het Woord was God”[1].

In de BGT is dit geworden:

“In het begin was Gods Zoon er al. Hij was bij God, en hij was zelf God”[2].

We zien hier dat het feit dat Jezus Christus “het Woord” genoemd wordt, uit de “vertaling” van de BGT is verdwenen. Dit “afdoen van” is ook in de andere verzen in Joh. 1, maar ook in 1 Joh. 1 stelselmatig toegepast. En daar zit een hele gedachte achter, waar wij in de rest van deze studie bij stil willen staan. Het laat duidelijk zien dat dit een “afdoen” van Gods Woord op basis van de Alexandrijnse filosofie is! Het is voor het vervolg goed om te weten dat waar in onze Statenvertaling in Joh. 1 : 1 “Woord” staat, in het Grieks “logos” staat.


Te rade bij Philo van Alexandrië

Eén van de vertalers van het Nederlands Bijbelgenootschap (NBG) schrijft:

“Met de term ho logos voert de auteur van de proloog een bestaand concept op, dat zijn wortels heeft in de joodse wijsheidstraditie (…).In het boek Wijsheid wordt Gods logos als equivalent van de wijsheid opgevoerd (bijvoorbeeld Wijsheid 9:1, en zie ook de functie van de logos in Wijsheid 18:15), en in de eerste eeuw van onze jaartelling was in het Griekssprekende jodendom de term logos een geëigende aanduiding geworden voor het wijsheidsconcept. De logos speelde een belangrijke rol in bepaalde vormen van bijbelexegese binnen het Hellenistische jodendom. Dat blijkt onder meer uit de werken van Philo van Alexandrië. (…)Het ligt daarom erg voor de hand dat de auteur van de proloog vertrouwd was met het geestelijk milieu binnen het hellenistische jodendom waartoe ook Philo behoorde. Hoewel er geen aanwijzingen zijn dat de auteur van de proloog het werk van Philo zelf kende, is het duidelijk dat het logos-concept van beide auteurs verwant is”[3].

Hier zien we dus hoe men te rade gaat bij Philo van Alexandrië, die in Alexandrië filosofie met Gods Woord vermengde. Iets waar Gods Woord tegen waarschuwt (Kol. 2 : 8). Alhoewel de schrijver van dit artikel wel duidelijk maakt dat Joh. 1 niet gebaseerd is op het werk van Philo [4], en dat de schrijver aangeeft dat er ook verschillen zijn met het werk van Philo, wordt Philo wel geraadpleegd om te zien hoe men in die tijd over deze zaken dacht. Uiteindelijk zegt dezelfde schrijver namelijk wel:

“De logos bestond, was aanwezig, en kan niet zonder meer gelijkgesteld worden met het spreken van God in Genesis 1. De proloog haalt Genesis 1 wel
aan, maar vanuit het perspectief van een eerste-eeuwse joods-Hellenistische bijbelexegese”[5].

Ondanks dat de BGT meerdere malen zegt dat Jezus Christus alles geschapen heeft, bijv. in Joh. 1 : 3, waar in de BGT staat: “Alles is door hem ontstaan. Zonder hem zou er niets zijn” [6], wordt de verwijzing tussen het feit dat God sprak en dat Hij het Woord is, weggehaald uit de “vertaling”. We moeten het namelijk in het filosofische perspectief zien, aldus de vertaler van het NBG!


Wie is eigenlijk de auteur?

Overigens zien we hoe de schrijver spreekt over “de auteur” van Joh. 1, die bepaalde denktrends uit die tijd zou kennen! De Bijbel laat zien dat Gods Woord door Zijn Geest geïnspireerd is (2 Tim. 3 : 16)! Het is dus God Zelf die spreekt door de profeten en apostelen heen. Zo zegt Paulus in 1 Thess. 2 : 13 het volgende: “Daarom danken wij ook God zonder ophouden, dat, toen gij het Woord der prediking van God van ons ontvangen hebt, gij dat aangenomen hebt, niet als der mensen woord, maar (gelijk het waarlijk is) als Gods Woord, dat ook werkt in u, die gelooft”. Of zoals diezelfde Paulus, door de Heere geleid, zegt in Gal. 1 : 12: “Want ik heb het ook niet van een mens ontvangen, noch geleerd, maar door de openbaring van Jezus Christus”. De apostelen gaven ons dus niet hun eigen woord, maar Gods Woord door! Maar dit nu terzijde.


“Gods Zoon” als parafrase

De conclusie van de schrijver van het artikel luidt als volgt:

“In de oudtestamentische tradities heeft Gods ‘woord’ een bijzondere functie: het is een machtswoord dat dingen tot stand brengt. Het is scheppend, heilbrengend, onaantastbaar en effectief. Op die manier ligt Gods ‘woord’ ten grondslag aan Gods scheppingsdaden en, in het verlengde daarvan, aan al zijn machtige daden (zie bijvoorbeeld Wijsheid 18:15-16). De nieuwtestamentische traditie volgde in dit spoor. Het goede nieuws over Jezus Christus werd op eenzelfde manier als Gods ‘woord’ gezien, als openbaring van Gods eeuwige raadsbesluit: scheppend, heilbrengend en effectief. (…) Zo is de logos uitdrukking van Gods eeuwige plan, zijn wijsheid, waarbij men kan denken aan Gods scheppingswoord, de bevrijdende boodschap aan zijn volk, en het goede nieuws”[7].

En even verderop:

“De term ‘het Woord’ brengt simpelweg niet de notie van pre-existente hemelse aanwezigheid en universele betekenis op de lezer over. Wat nu op de voorgrond staat, is de associatie met Gods gesproken woord. De hoofdletter markeert dat het hier niet om ‘het woord’ in de gewone betekenis gaat. Zo wordt ‘het Woord’ een bijzondere aanduiding, een titel. Ook dat is een verschuiving ten opzichte van de brontekst. Men mag het een kunstgreep noemen…”[8].

“Het Woord” brengt volgens de schrijver niet “de pre-existente hemelse aanwezigheid en universele betekenis” tot uitdrukking. En daarvoor kiest de BGT, in feite als parafrase(!), voor de titel “Gods Zoon” [9]. Maar… brengt Gods Woord Zelf, met de Naam “het Woord”, de aanwezigheid van Gods Zoon bij de schepping dan niet onder woorden? Jawel! Er staat niet voor niets: “In den beginne was het Woord” (Joh. 1 : 1), en: “Alle dingen zijn door Hetzelve gemaakt” (Joh. 1 : 3). Hier staat heel gewoon dat het Woord er voor de Schepping al was! Men wil iets in de naam (“het Woord”/”Gods Zoon”) vangen, wat uit de context meer dan duidelijk is! Kortom: men zoekt naar een reden om van “het Woord” af te komen! Onthoud even tot later dat men de vertaling van “logos” met “het Woord” als titel een kunstgreep noemt! Daar komen we verderop nog op terug.


Het Woord is vaak verdwenen uit de BGT

Met het feit dat in Joh. 1 en 1 Joh. 1 “het Woord” uit de vertaling verdwijnt, verdwijnt “het Woord” op meerdere plaatsen uit de vertaling! Laten we naar een aantal voorbeelden kijken.

Joh. 14 : 23:
SV: “Jezus antwoordde en zeide tot hem: Zo iemand Mij liefheeft, die zal Mijn woord (logos) bewaren; en Mijn Vader zal hem liefhebben, en Wij zullen tot hem komen, en zullen woning bij hem maken”.
BGT: “Jezus antwoordde: ‘Als je van mij houdt, dan luister je naar mijn woorden. Dan zal mijn Vader van je houden. En de Vader en ik zullen bij je komen en voor altijd in jou aanwezig zijn”[10].

Het woordje “woord” komt hier dus nog wel terug. Maar let op: “luisteren naar mijn woorden” is heel wat anders dan “Mijn woord bewaren”!

Joh. 17 : 17:
SV: “Heilig ze in Uw waarheid; Uw woord (logos) is de waarheid”.
BGT: “De waarheid is de boodschap die bij u vandaan komt. Zorg dat mijn leerlingen die waarheid leren kennen, zodat ze voorbereid zijn op hun taak”[11].

“Uw Woord” is eruit. Het gaat nu om “de boodschap die bij u vandaan komt”. Maar wáár kan ik die boodschap dan vinden?

2 Kor. 4 : 2:
SV: “Maar wij hebben verworpen de bedekselen der schande, niet wandelende in arglistigheid, noch het Woord (logos) Gods vervalsende, maar door openbaring der waarheid onszelf aangenaam makende bij alle gewetens der mensen, in de tegenwoordigheid Gods”.
BGT: “Ik vertel het goede nieuws open en eerlijk. Ik verander niets aan Gods waarheid. Ik pas mijn woorden niet aan om mensen een plezier te doen. Nooit heb ik gebruikgemaakt van leugens en bedrog, en dat soort schandelijke dingen. Iedereen kan zien dat ik eerlijk ben. God weet dat dat zo is, en diep in hun hart weten de mensen dat ook”[12].

Opnieuw is “Woord Gods” uit de “vertaling” weg. Dit is veranderd in “waarheid Gods”. Maar wát is dan die waarheid Gods?

Ef. 1 : 13:
SV: “In Wie ook gij zijt, nadat gij het woord (logos) der waarheid, namelijk het Evangelie uwer zaligheid gehoord hebt; in Wie gij ook, nadat gij geloofd hebt, zijt verzegeld geworden met de Heilige Geest der belofte”.
BGT: “Ook jullie in Efeze geloven nu in Christus. Want jullie hebben de waarheid over hem gehoord, namelijk het goede nieuws dat hij jullie zal redden. Omdat jullie dat geloven, hebben jullie de heilige Geest gekregen. Dat is het teken dat God lang geleden beloofd heeft”[13].

Opnieuw is “het woord der waarheid” verdwenen, en vervangen door “de waarheid over hem”. Probeer overigens in deze zin “het Woord” eens te vervangen door “Gods Zoon”, waar men uiteindelijk een 12 pagina’s tellend betoog voor heeft gehouden (het hier besproken artikel): “Ook jullie in Efeze geloven nu in Christus. Want jullie hebben Gods Zoon gehoord, namelijk het goede nieuws dat hij jullie zal redden…”. Deze zin klopt niet. Gods Zoon is niet de boodschap, maar de boodschap van Gods Zoon staat in Gods Woord! En dat is exact wat de Statenvertaling (en de King James 1611) ons zeggen!

2 Petr. 1 : 19:
SV: “En wij hebben het profetische woord (logos), dat zeer vast is, en gij doet wel, dat gij daarop acht hebt, als op een licht, schijnende in een duistere plaats, totdat de dag aanlicht, en de morgenster opgaat in uw harten”.
BGT: “We weten dat de profeten de waarheid gesproken hebben. En door wat er op de berg gebeurd is, weten we dat helemaal zeker. De woorden van de profeten helpen om de waarheid over Jezus te begrijpen. Luister daarom altijd naar wat er in hun boeken staat. En eens zal de waarheid voor jullie helemaal duidelijk worden. Dat zal gebeuren op de dag dat Jezus zelf komt, en jullie hem zien”[14].

Opnieuw is “het woord” weg uit de vertaling. Weliswaar wordt hier verwezen naar de profetische boeken. Maar wel als “hun boeken”, en dat terwijl “het Woord” getuigt van Gods Woord! Tevens zien we dat Gods Woord zegt dat we op het licht van Zijn Woord moeten zien in deze duistere wereld, totdat de Heere Jezus terugkomt (“totdat (...) de morgenster opgaat in uw harten”). De BGT maakt ervan dat we de waarheid pas helemaal zullen begrijpen als Jezus terugkomt! En natuurlijk is het zo dat we nu lang niet alles weten. Maar wat Gods Woord openbaart weten we wel, en dit vers laat juist zien dat dat Woord vast is! Niks twijfel, maar uitzien naar Zijn komst!

Openb. 1 : 2:
SV: “Die het woord (logos) Gods betuigd heeft, en het getuigenis van Jezus Christus, en al wat hij gezien heeft.”.
BGT: “Johannes heeft in dit boek opgeschreven wat hij zag. Zo geeft hij de plannen van God en Jezus Christus door”[15].

Het “woord Gods” is uit de “vertaling” weg!

Openb. 3 : 8:
SV: “Ik weet uw werken; zie, Ik heb een geopende deur voor u gegeven, en niemand kan die sluiten; want gij hebt kleine kracht, en gij hebt Mijn woord (logos) bewaard, en hebt Mijn Naam niet verloochend”.
BGT: “Ik weet hoe jullie je gedragen. Jullie hebben weinig invloed, maar jullie zijn wel trouw aan mij, en jullie doen wat ik wil. Daarom heb ik de poort naar het nieuwe Jeruzalem voor jullie opengedaan. Niemand kan die poort weer sluiten”[16].

Opnieuw is “Mijn woord bewaard” uit de vertaling weg, en daarvoor in de plaats is gekomen “en jullie doen wat ik wil”. En dat is, zoals eerder gezegd, heel wat anders.

Een oudtestamentisch voorbeeld.
In Psalm 12 : 7 en 8 lezen we:
“De redenen des HEEREN zijn reine redenen, zilver, gelouterd in een aarden smeltkroes, gezuiverd zevenmaal. Gij, HEERE, zult hen bewaren; Gij zult hen behoeden voor dit geslacht, tot in eeuwigheid.”

Het Oude Testament komt niet uit het Grieks, maar uit het Hebreeuws. Hier is dus niets gekoppeld aan het woord “logos”! En toch zien we ook hier dat de vertalers van het NBG moeite hebben met het feit dat de Heere Zijn redenen, Zijn Woord, tegen de goddelozen bewaart! In de BGT vinden we in deze verzen helemaal niets meer over Gods Woord:

“De Heer doet wat hij belooft. Op hem kun je vertrouwen, dat is zeker! Heer, help mensen die onderdrukt worden, bescherm hen tegen leugenaars”[17].

Nog een voorbeeld:
1 Thess. 2 : 13:
SV: “Daarom danken wij ook God zonder ophouden, dat, toen gij het Woord (logos) der prediking van God van ons ontvangen hebt, gij dat aangenomen hebt, niet als der mensen woord (logos), maar (gelijk het waarlijk is) als Gods Woord (logos), dat ook werkt in u, die gelooft”.
BGT: “Ik dank God steeds weer dat jullie zijn gaan geloven. Jullie begrepen heel goed dat mijn boodschap niet alleen maar een boodschap van mensen was. Het is Gods boodschap, die nu in jullie aan het werk is”[18].

Opnieuw is drie maal “het Woord”/”woord” eruit! Overigens zien we dat het Griekse woord “logos” hier ook voor het mensen woord gebruikt wordt! Het lijkt erop dat “logos” helemaal geen “pre-existente hemelse aanwezigheid en universele betekenis” heeft! Het lijkt erop dat “logos” heel gewoon “woord” betekent.

En dat brengt ons bij ons laatste voorbeeld. Namelijk:

2 Tim. 1 : 13:
SV: “Houd het voorbeeld der gezonde woorden (logos), die gij van mij gehoord hebt, in geloof en liefde, die in Christus Jezus is”.
BGT: “Laat je leiden door de wijze woorden die je van mij gehoord hebt, Timoteüs. En houd vast aan het geloof en de liefde die Jezus Christus je geeft”[19].

Opnieuw zien we hier dat over “woorden van Paulus” gesproken wordt. Dus geen “pre-existente… etc.”! Maar zien we dat, nu er over de woorden van Paulus gesproken wordt, het woordje “woorden” wel blijft staan?!


De filosofie brengt mensen niet bij Christus

Bovenstaande voorbeelden zijn er maar een paar van het totaal. Want er zijn er nog veel meer! We zien dat er hele theologische verhandelingen geschreven worden, met verwijzingen naar de Griekse filosofie in Alexandrië, naar de apocriefe boeken (Wijsheid bijv.), etc. We zien hoe men, door de conclusie die men trekt, het hele Woord van God eigenlijk aanpast! Met als gevolg dat alle teksten, die over het Woord spreken als het Woord van God, in feite uit de “vertaling” zijn gehaald! Moeten wij soms geloven dat de Bijbel NIET het Woord van God is? En zo zien we letterlijk in vervulling gaan wat Kol. 2 : 8 zegt: “Ziet toe, dat niemand u als een roof meevoere door de filosofie, en ijdele verleiding, naar de overlevering der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus”.

En dat terwijl Gods Woord laat zien, waar men achter kan komen door Schrift met Schrift te vergelijken, dat het woord “logos” niets met “pre-existente aanwezigheid” e.d. te maken heeft. “Logos” betekent gewoon “woord”! Al die teksten die over Gods Woord gaan, gaan weldegelijk over Gods Woord! De Statenvertaling (en de King James 1611) zijn heel gewoon correct! God heeft Zijn Woord voor ons bewaard!


De Bijbel: “Zijn Naam wordt genaamd het Woord Gods”

Maar herinnert u zich nog dat de vertaling van “logos”, met “het Woord” als titel, door een vertaler van het NBG een kunstgreep genoemd wordt? De Bijbel Zelf laat zien dat “het Woord” weldegelijk één van de Namen is van de Heere Jezus! En zo bewijst de Bijbel opnieuw Zichzelf! In Openb. 19 : 13 lezen we namelijk: “En Hij was bekleed met een kleed, dat met bloed gekleurd was; en Zijn naam wordt genaamd het Woord (logos) Gods”. Is dat niet geweldig? “Logos” of “het Woord” is dus weldegelijk een Naam of titel van de Heere Jezus! En hiermee gaat het hele betoog van het besproken artikel, gebaseerd op Griekse filosofie en zogenaamde Joodse traditie, helemaal onderuit! Terwijl de Waarheid van Gods Woord weer eens bevestigd wordt. Het blijkt dat het volk, onder het mom van een “vertaling”, die zogenaamd goed te begrijpen is (de BGT), gewoon voorgelogen wordt! Want zegt Spreuken 30 : 6: “Doe niet tot Zijn woorden, opdat Hij u niet bestraffe, en gij leugenachtig bevonden wordt”. Als mensen Gods Woord gaan veranderen, worden ze vanzelf leugenachtig bevonden. Het is opnieuw bewezen met de uitgave van de BGT.


Het werk van boeven: sporen uitwissen!

Maar wat hebben de vertalers van de BGT met Openb. 19 : 13 gedaan? Ze hebben vast niet laten staan dat de Naam van de Heere Jezus het Woord Gods is! Dat hebben ze ook niet. In de BGT staat in Openb. 19 : 13 geschreven:

“Zijn mantel was rood van het bloed. Zijn naam was Oordeel van God”[20].

Geen vertaling met “boodschap van God” of “doen wat ik wil” o.i.d., zoals men in de andere verzen gedaan heeft. Nee, men heeft een hele nieuwe vertaling van het woord verzonnen: “Oordeel van God”[21], in een poging het spoor van vervalsing te verdoezelen! En dan te bedenken dat “duidelijkheid” volgens de schrijver, van het hier besproken artikel, betekent:

“Het criterium van duidelijkheid dat het uitgangspunt vormt van de BGT, schrijft niet alleen het gebruik van bekende woorden en overzichtelijke zinnen voor, maar vraagt ook om eenduidig, ondubbelzinnig taalgebruik, heldere verwijzingen en duidelijkheid wat betreft de betekenis van de in de tekst gebruikte beelden”[22].

Men zegt dus heldere verwijzingen te willen! Maar die gaan blijkbaar niet verder dan één vers of een paar verzen! Want men haalt de verwijzing van “het Woord” weg uit Joh. 1 : 1, Openb. 19 : 13 en andere verzen, waardoor het verband tussen deze verzen en Gods scheppingswerk wel degelijk verdwijnt!


Ongeloof ten grondslag aan een “voedsel”allergie

Tevens hebben we gezien dat de vertalers schijnbaar een allergie hebben tegen Gods Woord. Er blijkt nog veel meer achter te zitten, en dan hebben we het over het feit dat de Heere Jezus door de schrijver van het besproken artikel de “eerstgeschapene”[23] genoemd wordt, en dat men de woordkeus dat Jezus “net als God was” achterwege laat in Joh. 1 : 1, omdat dat door veel lezers gezien zal worden als een poging om Zijn goddelijkheid af te zwakken, maar dat men daarom wel het woordje “zelf” heeft ingevoegd [24]. Het lijkt erop dat de vertalers geloven in een geboorte van de Heere Jezus in de hemel, net als de Jehovah’s Getuigen en de Mormonen. Daarom wil men de Heere Jezus ook niet “Hij, die eeuwig bestaat” noemen, want dat zou niet onderscheidend genoeg zijn van God [25]. Het gaat voor deze studie te ver om dit allemaal uit te werken. Maar we zien hoe de filosofie mensen wegdrijft van Gods Woord. U begrijpt waarom het gevaarlijk is wanneer dit soort vertalers Gods Woord gaat parafraseren, en vervolgens zegt dat ze een vertaling gemaakt hebben, die voor iedereen duidelijk is! Men verwerkt wat ze zelf geloven, maar zeer zeker ook wat ze niet geloven! Liever gezegd: dat laten ze weg!


Bijzonder Giftige Tekst

In plaats daarvan dat Gods Woord duidelijker wordt door de BGT, komen mensen steeds verder van Gods Woord af te staan. Verwijzingen binnen Gods Woord worden niet helderder, maar worden wegvertaald! Mensen weten in de toekomst niet eens meer wat Gods Woord is, als de BGT en de vertalers hun zin krijgen! In het begin van de studie zagen we hoe belangrijk het Woord van God voor ons mensen is. Het is een compleet geestelijk dieet om gezond geestelijk te groeien en standvastig te worden, etc. Maar we zien hoe de BGT “het Woord” stelselmatig, met precisie, uit de “vertaling” verwijdert... We zien hoe de BGT foute, soms traditionele, uitleggingen aan de “vertaling” toevoegt… (zie de studie “Geen vertaling, maar een parafrase!”). En zo zien we hoe de BGT inderdaad een doelmatig instrument in de handen van de duivel is, om mensen bij God(s Woord) weg te halen. De volgende titel doet de BGT meer recht: “Bijzonder Giftige Tekst”!


Gods Woord is de Waarheid!

Maar ondertussen hebben wij opnieuw een voorbeeld gezien hoe mooi Gods Woord is, zoals de Heere Dat voor ons bewaard heeft in de Statenvertaling en de King James 1611. En dat Gods Woord de Waarheid is, want Gods Woord klopt! En daar mogen wij ons aan vasthouden.



[1]  ‘De Nieuwe Bijbelvertaling’, Uitgeverij NBG, Heerenveen, 2004, blz. 126 (NT).
[2]  ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1673.
[3]  ‘De proloog van Johannes in de Bijbel in Gewone Taal’, Matthijs de Jong, Met Andere Woorden nr. 4, 2012, blz. 29.
[4]  Idem, blz. 31.
[5]  Idem, blz. 30.
[6]  ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1673.
[7]  ‘De proloog van Johannes in de Bijbel in Gewone Taal’, Matthijs de Jong, Met Andere Woorden nr. 4, 2012, blz. 31.
[8]  Idem, blz. 32, 33.
[9]  Idem, blz. 35.
[10] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1703.
[11] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1708.
[12] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1835.
[13] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1859.
[14] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1946.
[15] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1967.
[16] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1970.
[17] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 844.
[18] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1880.
[19] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1897.
[20] ‘Bijbel in Gewone Taal’, Nederlands Bijbelgenootschap, Haarlem, Royal Jongbloed, Heerenveen, 2014, blz. 1987.
[21] Een enkele keer wordt “logos”, als de context daar om vraagt, in de Statenvertaling met bijvoorbeeld “rekenschap” vertaald. Maar “rekenschap” is geen oordeel! Rekenschap leg je af met woorden! En dan nog is dus “logos” hier de Naam van de Heere Jezus!
[22] ‘De proloog van Johannes in de Bijbel in Gewone Taal’, Matthijs de Jong, Met Andere Woorden nr. 4, 2012, blz. 27.
[23] Idem, blz. 30.
[24] Idem, blz. 37.
[25] Idem, blz. 34.