Blue Flower

De Alverzoening over de hel en de poel des vuurs



Korte samenvatting

Dit is het vierde deel in een serie Bijbelstudies over de Alverzoening. Zo hebben we onder andere in de studie “De Alverzoening en het eeuw-ige(?) leven” gezien dat wanneer de Bijbel spreekt over het “eeuwige leven”, dat dit ook gewoon het eeuwige leven is, zoals het woordje “eeuwig” eigenlijk altijd al uitgelegd wordt: een leven zonder einde. We hebben gezien dat de gelovige geboren is uit onvergankelijk zaad. Daarmee heeft de gelovige een onvergankelijk leven gekregen: niet alleen het leven van de toekomende eeuw, maar de gelovige leeft nu al en daarmee in eeuwigheid, een periode zonder einde! In de  Bijbelstudie “De Alverzoening over de dood en de hel” hebben we nader gekeken naar de verzen die volgens de Alverzoening zouden beweren dat wanneer iemand, dus ook de gelovige, sterft, dat hij of zij er dan geheel niet meer is, en dat er niets van die persoon meer leeft. Er zou sprake zijn van een “niet-zijn”. Ook bij die voorbeelden zagen we dat men vaak halve verzen citeert, en niet let op de context, want zou men dat wel doen – hele verzen citeren en op de context letten – dan zou men zien dat de Bijbel niet in tegenspraak is, dat de Bijbel ook niet aangepast hoeft te worden, maar dat de Bijbel laat zien dat het lichaam weliswaar slaapt als een mens sterft, tot aan de opstanding, maar dat de ziel weldegelijk leeft.

Ook hebben we stilgestaan bij de geschiedenis van de rijke man en de arme Lazarus. Men beweert dat dit een gelijkenis is, om zo van de letterlijke en exacte betekenis van deze geschiedenis af te komen. We hebben gezien hoe het redeneren over gelijkenissen gebruikt wordt om gelovigen zand in de ogen te strooien, want de gelijkenissen waren weliswaar voor de wereld een soort bewuste bedekking van  de waarheid, door de Heere Zelf nota bene, maar voor gelovigen openbaren gelijkenissen juist de waarheid, het maakt voor gelovigen zaken duidelijk “die verborgen waren van de grondlegging der wereld” (Matth. 13 : 35)! In ieder geval maakt het gedeelte van de rijke man en de arme Lazarus iets duidelijk over de verblijfplaats van de ziel na het sterven, en dan wel in de Oudtestamentische situatie. Tegenwoordig gaat de ziel van een overleden gelovige naar de Heere in de hemel, in het Oude Testament ging deze ziel naar Abrahams schoot, ook wel het Paradijs genoemd, dat toen nog beneden was. De zielen van ongelovigen gaan volgens Luk. 16 : 23 naar de hel. Aan die situatie is vooralsnog geen einde gekomen…


Sprak de Heere Jezus nooit over de hel?

De studie “De Alverzoening over de dood en de hel” stond meer in het teken van de ziel, die na de dood ergens naar toe gaat, naar de hemel of naar de hel; deze studie staat meer in het teken van de hel zelf. Er is namelijk een vers waar we eigenlijk nog geen antwoord op hebben, en dat is Matth. 10 : 28, waar geschreven staat: “En vreest niet voor hen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel”. Het lichaam zou toch slapen tot de dag der opstanding? En de ziel zou of naar de Heere gaan, of naar de hel gaan…? Hoe kan het dan dat in dit vers staat geschreven dat zowel ziel als lichaam verdorven worden in de hel? Daarom willen we in deze studie nog een keer stilstaan bij de hel, maar ook bij de poel des vuurs. Op een Alverzoeningssite lezen we het volgende:

“Nooit sprak Jezus over de hel. Iedereen kan dat zelf controleren. In de evangelieën is elf keer sprake van Gehenna. Dat is een plaatsnaam zoals Bethlehem, Efrata, Jeruzalem, Galilea etc. plaatsnamen zijn. En zoals deze plaatsnamen ongewijzigd zijn opgenomen in onze vertalingen, zo zou men dat ook met Gehenna doen. Gehenna is het dal van Hinnom bij Jeruzalem. Een bijbelvertaling die Gehenna weergeeft met ‘hel’ is bezig haar lezers te misleiden” [1].

Wij hadden er tot nu toe niet aan getwijfeld of de Heere Jezus sprak over de hel, want zo staat het in de Statenvertaling. Wij hebben mogen ontdekken dat we in de Statenvertaling en in de King James 1611 het bewaarde Woord van God vinden. Hoe triest is het dan dat we lezen dat men dus ook over de Statenvertaling zegt dat Deze, Gods Woord, bezig is om “haar lezers te misleiden”. Aan ons de taak om te laten zien dat er weldegelijk “hel” hoort te staan…!


Is Hades het dodenrijk?

In de geschiedenis van de rijke man en de arme Lazarus is ook sprake van de hel (Luk. 16 : 23). Nu spreekt het voorgaande citaat over “Gehenna”, maar hier in Luk. 16 is sprake van het Griekse woord “Hades”. De Heere Jezus gebruikte dit woord slechts op een enkele plaats (Matth. 11 : 13; 16 : 18; Luk. 10 : 15, het komt wel voor op andere plaatsen in het Nieuwe Testament). De overige keren gebruikte Hij inderdaad het woord “Gehenna” (11 x, alleen in de Evangeliën). Het woordje “Hades” wil men, en dan kijken we nu even breder dan alleen de Alverzoening, vaak niet met “hel” vertalen. Of men zet er gewoon “Hades” neer, of men maakt er bijvoorbeeld “dodenrijk” van. En dat laatste gebeurt heel veel. Zo lezen we bijvoorbeeld in de NBV in Luk. 16 : 23 het volgende: “Toen hij in het dodenrijk, waar hij hevig gekweld werd, zijn ogen opsloeg, zag hij in de verte Abraham en Lazarus aan zijn zijde”. Nu staat hier in de context dat het gaat om het lijden van “smarten in deze vlam” (Luk. 16 : 24), dus hoe komt men op het idee dat het hier niet om de hel zou gaan?  Maar voor we daar naar kijken, eerst nog een voorbeeld uit Handelingen. Daar waar de Statenvertaling in Hand. 2 : 27 en 31 zegt dat de Heere Jezus in de hel (Hades) is geweest(!), daar zegt de HSV dat de ziel van de Heere Jezus “in het graf” is geweest! Hoezo verbetering? Een ziel die in het graf is geweest…? In ieder geval zien we dat ook de HSV, zij het inconsequent, want in Luk. 16 : 23 laat men “hel” staan, “hel” verandert in het “graf” of in “het rijk van de dood” (Openb. 20 : 14). Maar hoe komt men daar nu bij? Er staat toch in Luk. 16 : 24 geschreven: “ik lijd smarten in deze vlam”?


Twee afdelingen in het “Sheol”

We kijken nu even breder dan de Alverzoening. Want, zoals we aan de hand van de vertalingen al kunnen zien, is men in diverse stromingen het er Theologisch over eens, dat het woord “hel” blijkbaar niet juist zou zijn. Een uitlegger uit  meer Bijbelgetrouwe hoek, en die geen Alverzoener is, zegt hier het volgende over:

“De Statenvertaling (SV, voornamelijk tot versie 1977) en de King James-vertaling (KJV) geven soms een onjuiste vertaling van de grondwoorden voor het dodenrijk van overleden mensen, en van de bewaarplaats van opstandige engelen. Deze grondwoorden worden dikwijls met hel vertaald, terwijl er een verschil in betekenis is. Het woord hell in het Oude Testament van de KJV slaat altijd op het Hebreeuwse grondwoord sje-ool. Maar sjeool is niet de plaats van eeuwige bestraffing, de hel. Sjeool betekent dodenrijk of ook wel graf. Het Griekse equivalent van sjeool in het Nieuwe Testament is hades, wat dan eveneens dodenrijk betekent. (...) De ware hel, waar de eeuwige straf plaatsvindt, werd in het Oude Testament niet geopenbaard. Ze bestond toen niet, en ook heden ten dage niet! De hel is de gehenna en de poel van vuur (zie Op 19:20; 20:10,14,15; 21:8). Ze zal pas bestaan wanneer de verdoemden, na hun ‘uiteindelijke proces’ (voor de Grote Witte Troon - Op 20) naar die poel zullen verwezen worden. Wat sinds de zondeval wél bestaat is de sjeool, en het Griekse (nieuwtestamentische) equivalent hades- namelijk het dodenrijk, waar de doden verblijven in afwachting van hun opstanding, “ten leven” of “ten oordeel” (Jh 5:29). (...) In Lk 16:19-31 leren we dat er TWEE afdelingen zijn in de wereld van de afgestorvenen, in het dodenrijk: één voor Lazarus (of rechtvaardige doden) en één voor de Rijke (of onrechtvaardige doden). De éne in vrede (“schoot van Abraham”) maar de andere in een plaats van pijniging (“want ik lijd smarten in deze vlam” - vs. 24). Voor deze laatste categorie is het dodenrijk als het ware een plaats van voorarrest (tot de opstanding VAN de doden in Op 20:12, waarna het ultieme ‘proces’ volgt voor de Grote Witte Troon - Op 20:11-15)” [2].

Het is helemaal waar dat in het Oude Testament zowel gelovigen als ongelovigen naar het Sheol gingen (Num. 16 : 30, 33; Gen. 42 : 38)! Het is waar dat Hand. 2 : 27 en 31 waar het Griekse woordje “Hades” gebruikt wordt, een citaat is van Psalm 16 : 10, waar het woordje “Sheol” gebruikt wordt. Maar betekent dat dat het Sheol equivalent is aan “Hades”? Nee [3]! Wanneer de Heere Jezus in Hades (Hand. 2 : 27, 31) is geweest, wat misschien een onderdeel van Sheol is, dan is Hij ook in Sheol (Ps. 16 : 10) geweest. En als Sheol dan een soort dodenrijk zou zijn (omdat daar zowel gelovigen als ongelovigen naar toe gaan), dan houdt het in dat de Heere Jezus, met Zijn zijn in het Hades vanzelf ook in het Sheol is geweest. Voeg daar bij dat Hij tegen de moordenaar aan het kruis zei dat deze met Hem in het Paradijs zou zijn, dan weten we dat de Heere Jezus in beide afdelingen van het Sheol is geweest: in Hades (hel) en in Abrahams schoot (Paradijs)! Met andere woorden zowel de Oudtestamentische (Ps. 16 : 10) als de Nieuwtestamentische tekst (Hand. 2 : 27, 31) kloppen en hoeven niet aangepast te worden! Alleen de Nieuwtestamentische tekst is specifieker...


Is de eeuwige straf in de hel?

Maar waar gaat het in het aangehaalde citaat fout? Men gaat uit van de gedachte dat de eeuwige straf in de hel is. In het citaat hebben we gelezen:

“De ware hel, waar de eeuwige straf plaatsvindt (…). De hel is de gehenna en de poel van vuur” [4].

Daarom doet men vaak niet moeilijk wanneer “Gehenna” wel met “hel” vertaald wordt. En bij “Hades” doet men eigenlijk altijd moeilijk! Maar… is dat juist? Wanneer we in Openb. 20 : 10 en 15 kijken, dan vindt de eeuwige straf plaats in de “poel des vuurs”. Deze poel des vuurs bevindt zich in de eeuwigheid buiten de aarde… (tenzij de Heere deze laat bestaan in het hart van de nieuwe aarde, maar dat staat nergens geschreven, sterker nog er zijn aanwijzingen dat dit niet zo is! Zie hiervoor de volgende studie: “De Alverzoening en de teksten over ALLE mensen...”). De poel des vuurs wordt nergens letterlijk “hel” genoemd, ja, het “Gehenna” is er een verwijzing naar. Dat betekent dat de definitie dat de hel de plaats van eeuwige straf is, in feite een eigen definitie, een eigen uitleg, is (2 Petr. 1 : 20)!


Hades is dus niet hetzelfde als Sheol!

Waar gaat het nog meer mis in het citaat? Men beschrijft dat er in het hart van de aarde twee afdelingen zijn, men schrijft:

“één voor Lazarus (of rechtvaardige doden) en één voor de Rijke (of onrechtvaardige doden). De éne in vrede (“schoot van Abraham”) maar de andere in een plaats van pijniging (“want ik lijd smarten in deze vlam” - vs. 24). Voor deze laatste categorie is het dodenrijk als het ware een plaats van voorarrest” [5].

En hier komt het kromme: de ene afdeling noemt men wel Abrahams schoot, maar de andere afdeling noemt men niet bij name! Er wordt gezegd dat de andere “in een plaats van pijniging” is, waarvan gezegd wordt dat daarvoor “het dodenrijk” is “als (…) een plaats van voorarrest”. Maar waarom voor die andere plaats spreken over de algemene term dodenrijk, terwijl de Heere zegt dat die plaats “Hades” heet. Het “Hades”, de plaats van “smarten in deze vlam” staat tegenover Abrahams schoot (Luk. 16 : 23), nota bene gescheiden door een grote kloof! Clarence Larkin geeft het eigenlijk best wel heel mooi weer in de volgende figuur [6]. Zelf had ik de poel des vuurs buiten de aarde geplaatst (zie de eerdere opmerking hierover), maar verder komen alle Bijbelse onderdelen terug in deze volgende figuur:

Bron: 'Dispensational Truth or God's Plan and Purpose in the Ages', Clarence Larkin, Rev. Clarence Larkin Est., Glenside, Pa, USA, 1918, blz. 95½.

Met andere woorden: “Hades” is niet hetzelfde als “Sheol”! Iemand die in Hades is geweest, is ook in Sheol geweest, maar andersom hoeft dat geenszins het geval te zijn. Wanneer u bedenkt dat in de Bijbel de hel een plaats van vuur is, waar mensen of andere wezens (gevallen engelen bijvoorbeeld) komen die God niet hebben willen kennen, dan is Hades de hel, dan is Tartarus de hel (2 Petr. 2 : 4; Judas 6), dan is Gehenna de hel, en dan is de poel des vuurs de eeuwige hel! Openb. 20 : 14 zegt: “En de dood en de hel werden geworpen in de poel des vuurs; dit is de tweede dood”. Wanneer hier het “dodenrijk” in plaats van “hel” zou staan, volgens vele nieuwe vertalingen, dan zou dus ook “Abrahams schoot” (het Paradijs) in de poel des vuurs verdwijnen! En dan klopt er iets niet... We zien hoe Theologen in diverse vertalingen, we zien hoe als Bijbelgetrouw bekend staande uitleggers, iedere keer weer twijfel en verwarring zaaien over het bewaarde Woord van God, terwijl dat bewaarde Woord van God juist goed is! Het zijn alleen de door mensen gemaakte definities die niet deugen!


Het bewijs voor “hel” in (zeer) vroege vertalingen

Hoe mooi is het dan om in de geschiedenis te zien dat er  eigenlijk altijd “hel” gestaan heeft! Allereerst volgt in onderstaande figuur Luk. 16 : 23 uit de Nuremberg Polyglot Bijbel [7] van 1599 na Chr. De Nuremberg Polyglot Bijbel bevat de Evangeliën in diverse talen naast elkaar. Dat zijn dus teksten van vóór de King James 1611 en van vóór de Statenvertaling van 1637.

Bron: 'In Awe of Thy Word', G.A. Riplinger, CD-ROM, A.V. Publications Corp., U.S.A., 2004, disc 1.

Wat we in bovenstaande figuur zien, is dat niet alleen de Statenvertaling en de King James 1611 “hades” met “hel” vertalen, maar in al die talen was al vóór 1600 na Chr. bekend dat het om de “hel” ging!

Zo staat er op de site een studie over de Angelsaksische Bijbel [8] (tot 700 na Chr.) en een studie over de Gotische Bijbel [9] (tot 350 na Chr.), vertalingen die teruggaan tot hen die het Evangelie uit de eerste hand ontvingen! En wat zien we in deze vertalingen dan als het gaat om de vertaling van “Hades”? In de Angelsaksische Bijbel wordt zowel in Matth. 10 : 28 als in Luk. 16 : 23 het woordje “hel” gebruikt [10]. En zelfs in de Gotische Bijbel komt in Luk. 16 : 23 het woordje “hel” voor [11]! Zie de volgende afbeelding:

Bronnen: https://ia601602.us.archive.org/30/items/CompleteAnglo-saxonBibleInReprint/11751922Anglo-saxonBible.pdf, en: http://www.wulfila.be/gothic/browse/#TOC.


Waar komt het gebruik van de term dodenrijk vandaan?

Dus de vraag is: Waar komt de term “dodenrijk” vandaan? We hebben in diverse studies gezien hoe de Theologische woordenboeken en Hebreeuwse en Griekse Lexicons gebaseerd zijn op de Griekse filosofie, en niet op het Bijbelse Schrift met Schrift vergelijken! Zo schreef Plato, een Griekse filosoof:

“Maar de ziel, het deel van ons dat onzichtbaar is, dat naar een andere, nobele en reine, ook onzichtbare plaats gaat, een waar onzichtbaar Hades… de rest van de tijd doorbrengend met de goden” [12].

En zo zien we hoe de Grieken laten zien dat “Hades” geen “hel”, oftewel, geen “plaats van vuur” zou kunnen zijn. (NB.: Volgens de Grieken is alleen Tartarus een plaats van straf [13]). De Grieken spreken Gods Woord tegen, en de Theologen volgen slaafs! Dat is wat er gaande is.

In de Bijbelstudie “Geestelijke dingen met geestelijke samenvoegende” hebben we onder andere stilgestaan bij de Grieks-Engelse Lexicon van Liddell en Scott, en hebben we gezien hoe deze de basis is geworden van alle moderne Lexicons. We zagen hoe niet Bijbelstudie, maar hoe Griekse filosofie hier de basis van vormde [14]. Charles Dodgson (1832 – 1898), een vriend van Henry Liddell (1811 – 1898) nam onder Henry Liddell een belangrijke plaats in de Anglicaanse kerk in. Hij is de auteur van “Alice in Wonderland”, een verhaal over de dochter van Henry Liddell. Alice maakt een lange val in een konijnenhol en komt in een andere wereld: Wonderland. Wonderland is een prachtige tuin met vreemde wezens, soms half mens, half dier. De tuin bevat schitterende bloemenperken en mooie fonteinen [15]. En zo zien we hoe deze zogenaamd “Christelijke” auteur een “mooie onderwereld” beschrijft, waar geen hel in voorkomt. Waarom herformuleerde Dodgson de onderwereld? Een citaat over Dodgson:

“Wat was het motief van Dodgson om de onderwereld te herschetsen en het Bijbelse plaatje van de hel teniet te doen? Dodgson verwierp de Bijbelse leer van de eeuwige straf… als een foutieve vertaling van Nieuwtestamentisch Grieks. Wat was Dodgsons bron om de hel te herdefinieren? Van kindsaf heeft hij Liddell-Scotts Lexicon gebruikt. Hij dacht dat de Bijbel onjuist vertaald was, omdat het Griekse woord aioon, in de beschrijving van straf,  niet “eeuwig”  betekent, in overeenstemming met de liberale Lexicons. Cohen zegt van Dodgson: “hij concludeert dat het woord dat in het Engels wordt vertaald als eeuwig of eeuwigdurend, onjuist vertaald is.” Het kan geen “eeuwigdurend” betekenen in de Griekse mythologie, de Hellenistische cultuur, of de Grieks-Engelse Lexicons die daarvan afgeleid zijn, maar het betekent wél “eeuwigdurend” in de Bijbel! De Bijbel is een openbaring van God, Die de taal geschapen heeft. Het definieert precies wat elk van Zijn woorden betekent”” [16].

Wij hebben gezien hoe het zit met het woordje eeuwig! Inderdaad definieert de Heere Zijn Woord Zelf. Maar we hebben nu wel een verklaring waarom de Theologie kiest voor “dodenrijk” of “hades”: de Griekse filosofen geloven niet in Hades als de hel! In Kol. 2 : 8 lezen we: “Zie toe, dat niemand u als een roof meevoere door de filosofie, en ijdele verleiding, naar de overlevering der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus”! De Heere waarschuwt niet voor niets in Zijn Woord tegen de filosofie!


De Heere Jezus spreekt dus wel over de hel!

Maar dan terug naar de Alverzoening. De Heere Jezus zou nooit over de hel gesproken hebben… Zoals we gezien hebben spreekt de Heere Jezus zowel over “Hades” als over “Gehenna”, allebei vormen van de hel, plaatsen van vuur! “Gehenna” zou een gewone plaatsnaam zijn…


Gehenna is méér dan een plaatsnaam!

Is “Gehenna” een plaatsnaam? Inderdaad kan Gehenna verwijzen naar een bepaald gebied in Israël: het Dal van Hinnom [17], waar in het Oude Testament de kinderen in het vuur aan de afgod geofferd werden (Jozua 15 : 8, 18 : 16; 2 Kon. 23 : 10; 2 Kron. 28 : 3). Maar wanneer de Heere Jezus het erover heeft, dan heeft Hij het niet alleen over het lichaam dat daarin geworpen kan worden, maar tegelijkertijd zegt Hij dat ook de ziel in de hel geworpen kan worden (Matth. 10 : 28)! En dat het “Gehenna” dus meer is dan een plaats, blijkt dan ook uit het feit dat de Heere Jezus de Schriftgeleerden “kind der helle” noemt: “Wee u, gij Schriftgeleerden en Farizeeën, gij geveinsden, want gij reist zee en land rond, om een Jodengenoot te maken, en als hij het geworden is, zo maakt gij hem een kind der helle (Gehenna), tweemaal meer dan gij zijt” (Matth. 23 : 15). Ook wordt er gezegd dat de tong een vuur is, dat ontstoken wordt door de hel (Jak. 3 : 6). Daar zit een geestelijke wereld achter die via de tong ongerechtigheid verbreid. Deze hel verwijst naar de poel des vuurs, die bereid is voor de duivel en zijn engelen (Matth. 25 : 41; Openb. 20 : 10).


Een letterlijke poel des vuurs op aarde?

Dat neemt niet weg dat de Bijbel laat zien dat er ook op aarde een letterlijke poel des vuurs aanwezig gaat zijn. Dit zal zijn tijdens het Duizendjarig Vrederijk. Inderdaad zal er door de Heere in Zijn Koninkrijk een plaats ingericht worden waar mensen in terecht komen, die door Hem veroordeeld zijn. Jes. 34 : 8 – 10 spreekt erover: “Want het zal zijn de dag van de wraak des HEEREN, een jaar der vergeldingen, om Sions twistzaak. En hun beken zullen in pek veranderd worden, en hun stof in zwavel; ja, hun aarde zal tot brandend pek worden. Het zal des nachts of des daags niet uitgeblust worden, tot in eeuwigheid zal zijn rook opgaan; van geslacht tot geslacht zal het woest zijn, tot in eeuwigheid der eeuwigheden zal niemand daar doorgaan”. In dat Koninkrijk heeft men dus een beeld van de poel des vuurs, een type van de poel des vuurs, gewoon voor de ogen aanwezig. En zolang dat Koninkrijk er is, zal dat vuur er altijd zijn, van geslacht tot geslacht! En daar hebben we dan de betekenis van “eeuwig”, “altijd, zolang een periode duurt” (zie de eerste studie over Alverzoening)! Echter Openbaring laat zien dat bij het Laatste Oordeel “de poel des vuurs” aanwezig is (Openb. 20 : 10, 15), en dat die ook nog aanwezig is wanneer de nieuwe hemel en de nieuwe aarde er zijn (Openb. 21 : 8 bijv.). Deze poel des vuurs bevindt zich niet op deze aarde, want deze aarde zal door vuur vergaan (2 Petr. 3 : 12; Openb. 20 : 9). En díe poel des vuurs van Openb. 20, 21 en 22 is de poel des vuurs waar alle ongelovigen in komen. Niet in het meer dat op aarde brandt in het Duizendjarig Vrederijk, maar in het meer dat er in de eeuwigheid zal zijn.


Hoe zit het dan met lichamen in de hel?

Wanneer we beseffen dat er in het Koninkrijk een poel des vuurs op aarde is, dan begrijpen we ook direct de opmerking die de Heere Jezus binnen het Koninkrijksevangelie [18] plaatst in bijvoorbeeld Matth. 5 : 29: “Indien uw rechteroog u ergert, trekt het uit, en werpt het van u; want het is u nut, dat één van uw leden vergaat, en niet uw gehele lichaam in de hel geworpen wordt”. We begrijpen waarom in Jes. 66 : 24 sprake is van “dode lichamen” die in het vuur zijn, en waarom de Heere Jezus in Matth. 10 : 28 zegt: “En vreest niet voor hen, die het lichaam doden, en de ziel niet kunnen doden; maar vreest veel meer Hem, Die beide ziel en lichaam kan verderven in de hel”. In het Duizendjarig Vrederijk is het dus mogelijk dat een lichaam in de hel geworpen wordt! Maar dat neemt niet weg dat er in het hart der aarde nog een hel is, die na het Laatste Oordeel in de poel des vuurs geworpen wordt, de poel des vuurs die zich niet op deze aarde bevindt, en die eeuwig bijft… En zo hebben we in ieder geval een antwoord op de vraag die we ons in het begin van deze studie stelden: “Hoe zit dat nu met Matth. 10 : 28?”!


Abrahams schoot...

Zoals we al eerder zagen, geeft de Heere Jezus aan dat Abrahams schoot ook wel het Paradijs is (Luk. 23 : 43; zie de studie “De Alverzoening over de dood en de hel”). Maar in andere Schriftgedeelten vinden we dat het Paradijs in de hemel is (zie bijv. 2 Kor. 12 : 4). Hoe kan dat? Dat komt omdat de Heere Jezus, toen Hij naar de hemel ging, de zielen van de gelovigen uit Abrahams schoot heeft meegenomen naar de hemel. In Ef. 4 : 8 lezen we: “Daarom zegt Hij: Als Hij opgevaren is in de hoogte, heeft Hij de gevangenis gevangen genomen, en heeft de mensen gaven gegeven”. Een Alverzoeningssite schrijft hierover:

“Dat het hier zou gaan om mensen die vanuit het dodenrijk meegevoerd zijn naar de hemel is een verklaring die hier vaak wordt ‘ingelezen’. Het verband van Efeze 4 wijst in een andere richting. De krijgsgevangenen (de gevangenis) staat hier voor de Gemeente, die de positie van Christus deelt in “den hoge”. In Efeze 4:1 schrijft Paulus: “als gevangene in de Heer vermaan ik u…”” [19].

De Alverzoening zegt dat wij wat “in de tekst lezen” als wij zeggen dat de Heere Jezus zielen heeft meegenomen naar de hemel! Maar let op wat men zelf doet… Men zegt dat “de gevangenis” staat voor de Gemeente, omdat Paulus zichzelf in bijv. Ef. 4 : 1 “de gevangene in de Heere” noemt. Maar heeft dit gevangen zijn met zijn hemelse positie te maken? Nee, want IN CHRISTUS (door de wedergeboorte) is niemand gevangen. En in de hemel al helemaal niet. In de Heere Jezus zijn we juist vrij (Joh. 8 : 36; Rom. 8 : 2; Gal. 5 : 1), maar dat neemt niet weg dat we door het geloof in de Heere op aarde in gevangenschap kunnnen zitten. En dat is Paulus gebeurd (Ef. 3 : 1, 4: 1; Filémon 1 : 9, 10). Daarom wordt de brief aan Efeze ook wel een gevangenisbrief genoemd [20]. Met andere woorden “de gevangenis” die de Heere Jezus blijkbaar mee naar boven heeft genomen, heeft niets te maken met Paulus als gevangene, of met de Gemeente! De Alverzoening verdraait Gods Woord!


Het verband tussen de "gevangenis" en de "nederste delen der aarde"

Laten we Efeze 4 : 8 lezen: “Daarom zegt Hij: Als Hij opgevaren is in de hoogte, heeft Hij de gevangenis gevangen genomen, en heeft de mensen gaven gegeven”. Er zijn sommigen die beweren dat dit gedeelte alleen maar over de gaven gaan, en daardoor, net als de Alverzoening, ontkennen dat dit over de zielen van de gestorven Oudtestamentische heiligen gaat die met de Heere naar de hemel zijn gegaan. Ook deze mensen geloven niet dat er een hel is [21]. Maar het feit is dat de Heere Jezus volgens Ef. 4 : 8 twee dingen heeft gedaan! Hij heeft “de gevangenis gevangen genomen” “EN” Hij heeft de “mensen gaven gegeven”. Dat dit een opsomming is, blijkt er ook uit hoe dit vers verder wordt uitgewerkt in Ef. 4 : 9 en 10: “Nu dit: Hij is opgevaren; wat is het, dan dat Hij ook eerst is neergedaald in de nederste delen der aarde? Die neergedaald is, is Dezelfde ook, Die opgevaren is ver boven al de hemelen, opdat Hij alle dingen vervullen zou”. Hier lezen we dus dat de Heere Jezus in de “nederste delen der aarde” is geweest (zie ook Matth. 12 : 40). Zien we dat dat meervoud is? De Heere Jezus is dus zowel in de hel (zie bijv. Hand. 2 : 27, 31; 1 Petr. 3 : 19) als in het Paradijs (Abrahams schoot) geweest (1 Petr. 4 : 6)! In 1 Petr. 3 : 19 staat zelfs over Zijn dood geschreven: “In Welke Hij ook, heengegaan zijnde, de geesten, die in de gevangenis zijn, gepredikt heeft“. De "gevangenis" verwijst weldegelijk naar "de nederste delen der aarde". En de enige logische verklaring waarom we in bijv. 2 Kor. 12 : 4 lezen dat het Paradijs nu boven is, is omdat de Heere Jezus Abrahams schoot (het Paradijs, in het Oude Testament nog een deel van een gevangenis) mee heeft genomen naar de hemel! De opsomming van Efeze wordt vervolgens verder uitgewerkt, want Ef. 4 : 11 gaat verder met: “En...”, en vervolgens worden de gaven besproken! Zien we dat dat twee aparte dingen zijn? En zien we dat de gevangenis in de context weldegelijk met de “nederste delen der aarde” te maken heeft?

En waarom zou Abrahams schoot niet een deel van een gevangenis zijn? De Heere spreekt Zelf over het feit dat Hij de "sleutels van de hel en van de dood" heeft (Openb. 1 : 18). De hel heeft zelfs poorten (Matth. 16 : 18). In ieder geval is Abrahams schoot (het Paradijs) in de aarde nu leeg, het Paradijs bevindt zich nu in de hemel! Dat kan van het Hades, de plaats van het vuur, de hel, niet gezegd worden. Die bevindt zich nog steeds in de aarde, totdat deze in de poel des vuurs gegooid gaat worden (Openb. 20 : 14). Laat u niet in verwarring brengen door Alverzoeners of andere hyper-dispensationalisten, die de hel en andere delen van de Bijbel ontkennen door Gods Woord compleet uit het verband te halen.


Onuitblusbaar vuur

In Jes. 66 : 24 wordt gesproken over “hun vuur zal niet uitgeblust worden”. Een Alverzoeningssite schrijft hierover:

“Betekent dit dat het vuur dus nooit uitgaat. Natuurlijk niet. Jeremia 17:27 spreekt b.v. over een vuur dat binnen Jeruzalems poorten wordt ontstoken en haar paleizen zal verteren “zonder te worden uitgeblust”. Deze woorden betekenen wat ze zeggen, niet minder en niet meer. De paleizen zullen in vuur opgaan zonder dat er wordt geblust. Het is absurd om daaruit een eindeloos vuur af te leiden” [22].

In Jeremia 17 : 27 lezen we inderdaad: “Maar indien gij naar Mij niet zult horen, om de sabbatdag te heiligen, en om geen last te dragen als gij op de sabbatdag door de poorten van Jeruzalem ingaat; zo zal Ik een vuur in zijn poorten aansteken, dat de paleizen van Jeruzalem zal verteren, en niet worden uitgeblust”. Dat kan dus betekenen dat het uitbrandt… Het wordt in ieder geval niet actief uitgeblust. Maar van het vuur van “Gehenna” staat heel wat anders geschreven, namelijk niet dat het niet zal worden uitgeblust, maar dat het “onuitblusselijk vuur” is, en dat is heel wat anders. Het IS niet eens uit te blussen! In het Nieuwe Testament staat in Mark. 9 : 43 namelijk geschreven: “En indien uw hand u ergert, houwt ze af; het is u beter verminkt tot het leven in te gaan, dan de twee handen hebbende, heen te gaan in de hel, in dat onuitblusselijk vuur” (zie ook vers 45). Dat maakt dan ook dat dit een bijzonder vuur is, het gaat om het “helse vuur” (Mark. 9 : 47). Het vuur op aarde zal branden zolang het Koninkrijk er is. Dat zegt Gods Woord! Het zal altijd branden. Als deze aarde vergaat, worden “de dood en de hel” in “de poel des vuurs” geworpen (Openb. 20 : 14), en deze is in de eeuwigheid aanwezig! Deze brandt dus eeuwig. Dat is niet absurd, je gelooft Gods Woord of je gelooft het niet. Of: is God soms absurd? Overigens, waarom zouden mensen moeten vrezen voor de hel (Matth. 10 : 28), wanneer het slechts een dodenrijk zou zijn, waar geen bewustzijn is…?


Uitgeschreven uit het boek van het Leven?

De Alverzoeningssite zegt dan nog:

“Wie verdraait hier Jezus’ woorden? De kerkleer met haar eindeloze hellestraf van vuur dat niet uitgaat en wormen van wroeging? Of degene die spreekt van het dal van Hinnom waar lijken onbegraven liggen te verteren? Oordeelt zelf” [23].

Niemand verdraait Jezus' woorden door “Gehenna” de hel te noemen… Het is namelijk een voorafschaduwing van de poel des vuurs die komen gaat, waar de dood en de hel in zullen verdwijnen. En mensen wiens lichaam EN ziel verdwijnen in de hel… zullen terecht komen in die poel des vuurs. En in die zin kan het zelfs een geestelijke boodschap zijn voor deze tijd. Want mensen, die zich niet bekeren, die Jezus Christus verwerpen, zullen geen deel hebben aan de Eerste Opstanding, zij zullen opstaan ten oordeel en op grond van hun werken verbannen worden naar de poel des vuurs (Openb. 20 : 15). Dat is wat Gods Woord laat zien. De bewuste Alverzoeningssite zegt hierover:

“In het meer van vuur worden allen geworpen die uitdrukkelijk ongelovig waren (21:8) en vanwege hun werken uitgeschreven zijn uit het boek van leven” [24].

Hoezo “uitgeschreven” “uit het boek van leven”? De Bijbel spreekt nergens over “uitschrijven”! Wel over inschrijven! In Openb. 20 : 15 lezen we: “En zo iemand niet gevonden werd geschreven in...”.  Iemand die niet wederomgeboren wordt, wordt niet eens ingeschreven! En kan dus ook niet uitgeschreven worden! We zagen in de vorige studies reeds dat de mens van nature dood is voor God (Ef. 2 : 1). In Joh. 3 : 36 staat: “Die in de Zoon gelooft, die heeft het eeuwige leven; maar die de Zoon ongehoorzaam is, die zal het leven niet zien, maar de toorn Gods blijft op hem”. In de studie “De Alverzoening en het eeuw-ige(?) leven” hebben we gezien dat het eeuwige leven weldegelijk een leven zonder einde is, en dat zegt wat over de zin “maar de toorn Gods blijft op hem”….


Inconsequent...

Over het verdraaien van Gods Woord gesproken… Op de vraag “Is de tweede dood een toestand van pijniging?” schrijft men:

“Nee, want dood is geen andere vorm van leven, maar het tegenovergestelde en het ontbreken van leven. Doden leven niet voort, maar zijn dood en zich daarom van niets bewust. Wanneer we verstaan wat de Bijbel onder ‘dood’ verstaat, dan weten we ook wat “de twééde dood” is. De doden weten niets (Prediker 9:5,10)” [25].

We hebben er uitgebreid bij stilgestaan dat de lichamen van overleden mensen weldegelijk slapen volgens Gods Woord. Slapen tot aan de Opstanding. Maar, ondanks dat bijvoorbeeld de ziel van de gelovige rust, zien we dat zielen in het hiernamaals, of dat nu de hemel of de hel is, weldegelijk bij bewustzijn zijn! En dan lezen we in Openb. 14 : 9 – 11, over mensen die de antichrist en zijn beeld aanbeden hebben, dat zij het volgende meemaken in de poel des vuurs: “En een derde engel is hen gevolgd, zeggende met een grote stem: Indien iemand het beest aanbidt en zijn beeld, en ontvangt het merkteken aan zijn voorhoofd, of aan zijn hand, die zal ook drinken uit de wijn van de toorn van God, die ongemengd ingeschonken is, in de drinkbeker van Zijn toorn; en hij zal gepijnigd worden met vuur en sulfer voor de heilige engelen en voor het Lam. En de rook van hun pijniging gaat op in alle eeuwigheid, en zij hebben geen rust dag en nacht, die het beest aabidden en zijn beeld, en zo iemand het merkteken van zijn naam ontvangt”. Geen kortstondig verbranden door vuur, maar de “rook van hun pijniging” “gaat op in alle eeuwigheid, en zij hebben geen rust dag en nacht”. Zoals men deze boodschap voor mensen probeert te ontkennen, voor de duivel en de antichrist leest men de Bijbel schijnbaar weer letterlijk:

“Van Satan, het Beest en de Valse Profeet lezen we dat zij worden geworpen in het meer van het vuur en gepijnigd worden “tot in de aeonen der aeonen” (Openbaring 19:20; 20:10). (…) Terwijl voor mensen het meer van het vuur, een toestand van dood zal inluiden, zal het duivelse drietal in deze plaats worden gepijnigd” [26].

Alhoewel men bij de Alverzoening zelfs de duivel behouden laat worden, gelooft men dat hij in ieder geval tijdelijk weldegelijk lijdt in de poel des vuurs. Wel apart dat men hier de Bijbel, in ieder geval ten dele, dus wel gewoon citeert! We hebben aan de hand van bijv. Openb. 14 : 9 – 11 gezien dat dit ook van mensen staat geschreven! Met andere woorden: de woordjes “hel” zijn heel goed op hun plaats, de Heere Jezus sprak erover, ook elders komen we ze in Gods Woord tegen en ze waarschuwen mensen voor hetgeen er komen gaat als zij Gods uitgestoken hand afwijzen! En we hebben gezien dat er in de geschiedenis eigenlijk altijd “hel” gestaan heeft. Hoe ongeliefd deze boodschap ook is, het is Gods Woord. Maar vergis u niet: Iedereen krijgt van de Heere de kans om bij Hem te komen. Het aanbod van genade is voor iedereen!


Nog veel meer...

Er is nog veel meer rondom het thema dood en hel te bespreken. Zo gelooft de Alverzoening niet dat Henoch is opgenomen waardoor hij de dood niet zag. Ook Henoch zou gewoon overleden zijn! Ook Elia zou niet ten hemel opgenomen zijn, maar gewoon gestorven zijn. Saul zou niet de dode Samuël gesproken hebben, toen hij de waarzegster raadpleegde, maar hij zou God Zelf gesproken hebben. En… het geloof dat de ziel leeft in het hiernamaals “opent de deur voor het spiritisme”…. aldus een Alverzoeningssite [27]. Al deze punten, en nog meer, zijn door Schrift met Schrift vergelijken te weerleggen. Wij gaan het hierbij laten, want de kern van de zaak mag duidelijk zijn: we hebben opnieuw gezien dat de Alverzoening de hele Bijbel uit het verband haalt, anderen beticht van het verdraaien van Gods Woord en van absurditeit, terwijl men zelf de Bijbel in het verband, Schrift met Schrift vergelijkend, niet eens kan lezen! In de volgende studie “De Alverzoening en de teksten over ALLE mensen...” staan we nog één keer bij het onderwerp Alverzoening stil, en dan komen de Bijbelteksten over “ALLE MENSEN” aan bod.


[1]  'Waar hun worm niet sterft', André Piet, GoedBericht.nl, 31-03-2012, bron: http://goedbericht.nl/waar-hun-worm-niet-sterft/.
[2]  'De verwarring tussen Dodenrijk en Hel', Marc Verhoeven, 23-04-2012, bron: http://www.verhoevenmarc.be/PDF/Verwarring.pdf.
[3]  Zie ook: 'De invloed van de moderne theologie op de HSV', Arjan Huurnink, Bijbel en Geloof, 12-11-2008, bron: www.bijbelengeloof.com.
[4]  'De verwarring tussen Dodenrijk en Hel', Marc Verhoeven, 23-04-2012, bron: http://www.verhoevenmarc.be/PDF/Verwarring.pdf.
[5]  'De verwarring tussen Dodenrijk en Hel', Marc Verhoeven, 23-04-2012, bron: http://www.verhoevenmarc.be/PDF/Verwarring.pdf.
[6]  'Dispensational Truth or God's Plan and Purpose in the Ages', Clarence Larkin, Rev. Clarence Larkin Est., Glenside, Pa, USA, 1918, blz. 95½.
[7]  'In Awe of Thy Word', G.A. Riplinger, CD-ROM, A.V. Publications Corp., U.S.A., 2004, disc 1.
[8]  'De Angelsaksische Bijbel: Gods Woord bewezen bewaard! (deel 2)', Arjan Huurnink, Bijbel en Geloof, 20-06-2015, bron: www.bijbelengeloof.com.
[9]  'De Gotische Bijbel: Gods Woord bewezen bewaard!', Arjan Huurnink, Bijbel en Geloof, 27-04-2015, bron: www.bijbelengeloof.com.
[10] Bron: https://ia601602.us.archive.org/30/items/CompleteAnglo-saxonBibleInReprint/11751922Anglo-saxonBible.pdf.
[11] Bron: http://www.wulfila.be/gothic/browse/#TOC.
[12] Geciteerd in: ‘Hazardous Materials: Greek and Hebrew Study Dangers, The Voice of Strangers, The Men Behind the Smokescreen, Burning Bibles Word by Word’, G.A. Riplinger, A.V. Publications Corp., USA, 2008, blz. 119.
[13] 'Hades', WikipediA, De vrije encyclopedie, bron: https://nl.wikipedia.org/wiki/Hades.
[14] 'Geestelijke dingen met geestelijke samenvoegende – Over Liddell-Scott-Jones en over Schrift met Schrift vergelijken', Arjan Huurnink, Bijbel en Geloof, 23-06-2015, bron: www.bijbelengeloof.com.
[15] ‘Hazardous Materials: Greek and Hebrew Study Dangers, The Voice of Strangers, The Men Behind the Smokescreen, Burning Bibles Word by Word’, G.A. Riplinger, A.V. Publications Corp., USA, 2008, blz. 317.
[16] ‘Hazardous Materials: Greek and Hebrew Study Dangers, The Voice of Strangers, The Men Behind the Smokescreen, Burning Bibles Word by Word’, G.A. Riplinger, A.V. Publications Corp., USA, 2008, blz. 320.
[17] 'Way of Life Encyclopedia of the Bible & Christianity', D.W. Cloud, The Fundamental Baptist CD-ROM Library, U.S.A., 2000, zie 'Gehenna'.
[18] Zie: 'Verschillende soorten Evangelie?', Arjan Huurnink, Bijbel en Geloof, 17-11-2008, bron: www.bijbelengeloof.com.
[19] 'FAQ De Toestand Der Doden', André Piet, GoedBericht.nl, 18-08-2015, bron: http://goedbericht.nl/faq-de-toestand-der-doden/.
[20] 'The Ruckman Reference Bible', Dr. Peter S. Ruckman, BB Bookstore, Pensacola, FL, USA, 2009, blz. 1553.
[21] 'Is Maria nog in het dodenrijk?', Hoite Slagter, Amen nr. 61, juli-augustus 2005, blz. 4 – 7.
[22] 'Waar hun worm niet sterft', André Piet, GoedBericht.nl, 31-03-2012, bron: http://goedbericht.nl/waar-hun-worm-niet-sterft/.
[23] 'Waar hun worm niet sterft', André Piet, GoedBericht.nl, 31-03-2012, bron: http://goedbericht.nl/waar-hun-worm-niet-sterft/.
[24] 'Vragen over “de tweede dood” (4, slot)', André Piet, GoedBericht.nl, 07-01-2015, bron: http://goedbericht.nl/vragen-over-de-tweede-dood-4-slot/.
[25] 'Vragen over “de tweede dood” (1)', André Piet, GoedBericht.nl, 12-11-2014, bron: http://goedbericht.nl/vragen-over-de-tweede-dood-1/.
[26] 'Vragen over “de tweede dood” (1)', André Piet, GoedBericht.nl, 12-11-2014, bron: http://goedbericht.nl/vragen-over-de-tweede-dood-1/.
[27] 'FAQ De Toestand Der Doden', André Piet, GoedBericht.nl, 18-08-2015, bron: http://goedbericht.nl/faq-de-toestand-der-doden/.